dick-berlijn_noventas-by-nimh-beeldbank-mindef

Vraagtekens bij rol oud-generaal Berlijn in veiligheidsonderzoek Defensie

De Tweede Kamer zet vraagtekens bij de rol van voormalig commandant der strijdkrachten Dick Berlijn, die in de commissie zat die de veiligheid bij Defensie onderzocht. Volgens Kamerleden moest hij naar incidenten kijken waar hij als destijds hoogste militaire baas mogelijk bij betrokken was.

Berlijn was één van de vier leden van de commissie-Van der Veer, die twee weken geleden met het rapport ‘Het moet en kan veiliger!’ kwam. Daaruit bleek dat Defensie de veiligheid van militairen op missies en oefeningen onvoldoende gewaarborgd werd. In een gesprek tussen Kamerleden en oud-Shell-topman Jeroen van der Veer, vanmiddag, stond zijn deelname als onderzoeker ter discussie.




PvdA-Kamerlid Lilianne Ploumen noemde dat ‘een steentje in de schoen’. ,,Sommige incidenten die uw commissie onderzocht, vonden plaats onder zijn leiding.” Berlijn was van 2004 tot 2008 de hoogste militaire baas. Van der Veer bestreed dat er sprake was van belangenverstrengeling. ,,We hebben een hele stapel incidenten onderzocht, maar dat was vrijwel allemaal na zijn tijd.” Wel zei de commissievoorzitter dat Berlijn niet betrokken was bij gesprekken met de luchtmacht. Bij dat krijgsmachtonderdeel diende Berlijn.

Vierkant
Van der Veer benaderde Berlijn zelf om zitting te nemen in zijn commissie. Vanwege het korte tijdsbestek waarin de veiligheid bij Defensie bekeken moest worden, wilde hij iemand met militaire kennis in zijn team. Berlijn zei aanvankelijk nee. ,,Ik heb hem min of meer geforceerd – in het landsbelang.” Van der Veer zei ‘vierkant achter zijn keus’ te staan.

Van der Veer deed het onderzoek in opdracht van toenmalig Defensieminister Jeanine Hennis, die extra onderzoek wilde na het kritische rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over het fatale mortierincident in Mali. Zowel Hennis als commandant der strijdkrachten Tom Middendorp traden daarom af. Het is volgens Van der Veer niet nodig dat er meer mensen aftreden. Wel zei hij dat de cultuur zo moet veranderen dat incidenten worden gemeld, ondanks de hiërarchische structuur bij de krijgsmacht. ,,We moeten de trap van bovenaf schoonvegen.”

Geprotesteerd
De commissie moest ook onderzoeken of er rond het ongeval in Mali sprake was van nalatigheid en verwijtbaarheid. Dat deed de commissie-Van der Veer niet. Volgens Van der Veer gaf hij al in een vroeg stadium aan niet naar individuele verantwoordelijkheid te kunnen kijken; daar was geen tijd voor en was Van der Veer niet de juiste persoon voor. Dat werd door Defensie voor kennisgeving aangenomen; er werd niet geprotesteerd.

Bron: AD / Defensie