Veel Afghanistan-veteranen ontevreden over nazorg

Veteranen die in Afghanistan deel uitmaakten van International Security Assistance Force (ISAF) geven hun welzijn gemiddeld een 7,8. Twee derde geeft een 8 of hoger, 13% een 6 of lager. Dat blijkt uit het onderzoek onder ISAF-veteranen. Over de resultaten heeft minister van Defensie Ank Bijleveld-Schouten de Tweede Kamer vandaag geïnformeerd.

De uitslag is in lijn met cijfers over welzijn van andere veteranen. Dat viel te concluderen nadat dit onderzoek was vergeleken met andere versies onder postactieve veteranen. Die zijn uitgevoerd door het Veteraneninstituut.

Het onderzoek wees ook uit dat bijna iedere ISAF-veteraan te maken kreeg met impactvolle gebeurtenissen. Op het moment van invullen (eind 2018) geeft 10% van de ISAF-veteranen aan een laag welzijn te ervaren die mede beïnvloed wordt door de ISAF-missie. De meeste ISAF-veteranen gaven echter aan geen negatieve effecten van de ISAF-missie (meer) te ervaren. Vaker werden er juist positieve effecten ervaren zoals persoonlijke groei en het besef beter dan voorheen moeilijkheden aan te kunnen.

De ISAF-veteranen spreken lovend over alles wat er al is en wordt gedaan aan erkenning en waardering voor veteranen. Dat geldt ook voor de Nederlandse Veteranendag, blijkt uit het onderzoek.

Afghanistan, Tarin Kowt , 2 januari 2007.Sinds 1 augustus 2006 heeft de Nederlandse ISAF-operatie TFU (Task Force Uruzgan) de verantwoordelijkheid over Uruzgan. De belangrijkste Nederlandse bijdrage aan de missie is het Provincial Reconstruction Team (PRT) dat zorg draagt voor de wederopbouw. Nederlandse militairen werken vanaf de bases Kamp Holland (bij Tarin Kowt) en Camp Hadrian (Deh Rawod). Op Kandahar Airfield staan de F-16 jachtbommenwerpers en de Cougar transporthelikopters, terwijl de Apaches gevechtsheli’s vliegen vanaf Tarin Kowt. In Kaboel zit het Contingentscommando. Kamp Poentjak is een vooruitgeschoven patrouillepost van Kamp Holland. Foto: een bushmaster rijdt voor een Scania WLS (Wissellaadsysteem) door Tarin Kowt.

Nazorg
De meningen over de nazorg door Defensie zijn zeer verdeeld. Ongeveer de helft van de ISAF-veteranen is tevreden over het geboden nazorgtraject, de andere helft deels of helemaal niet.De kwaliteit van de gespreksleider tijdens de adaptatie of terugkeergesprekken wordt vaak genoemd als reden voor het positieve of juist het negatieve oordeel. Ook kwamen verbeterpunten in het adaptatieprogramma aan de orde. Genoemd werden duidelijkheid over de vertrektijden uit het missiegebied en het verschil in voorkeur van ontspanning tijdens de programma’s.

Bijleveld: ‘‘De uitkomsten van dit ISAF-onderzoek vind ik belangrijk. Ik gebruik ze bij de verdere ontwikkeling van het veteranenbeleid en bij toekomstig onderzoek.’’

Afghanistan, Baluchivallei, 06 maart 2009.Indruk van de patrouille basis Mashal en de omgeving..Foto: Patrouille door de groene zone van de Baluchivallei waar infanteristen van 42 BLJ patrouilleren.

Onderzoek
Het bureau Trends Onderzoek en Statistiek (TOS) van Defensie voerde het onderzoek uit. Hiervoor zijn 25.348 ISAF-veteranen benaderd. Het primaire doel was inzicht te krijgen in het welzijn van de ISAF-veteranen en hun eventuele aanvullende behoefte aan zorg en ondersteuning. 8.676 ISAF-veteranen vulden de vragenlijsten in.

ISAF missie
In de periode van 11 januari 2002 tot eind 2014 zijn er voor ISAF meer dan 26.000 Nederlandse militairen in Afghanistan geweest. Het doel van deze missie onder NAVO-vlag was het ondersteunen van de Afghaanse autoriteiten bij het bevorderen van stabiliteit, openbare orde, veiligheid en gezag in Afghanistan.