Kamer eist duidelijkheid over zwijgcontracten na misbruik Luchtmobiele Brigade

Defensie moet duidelijkheid scheppen over zwijgcontracten bij slachtoffers van misbruik in de organisatie. Dat eist een meerderheid van de Tweede Kamer maandag in een begrotingsdebat over personeelsbeleid bij Defensie. Het zal grotendeels gaan over de misbruikzaak bij de Luchtmobiele Brigade in Schaarsbergen.
De slachtoffers van de mishandelingen in Schaarsbergen moesten na intern onderzoek een verklaring tekenen waarin ze beloven niet met anderen over het misbruik te spreken, niet met ’derden’ en niet met collega’s. Het Openbaar Ministerie liet onderzoek liggen omdat er geen aangifte was, maar de slachtoffers hielden zich er slechts aan de geheimhouding.

Volgens staatssecretaris Visser (Defensie) was hier sprake van een ’misverstand’ om een standaardformulering en was de verklaring alleen maar bedoeld om ervoor te zorgen dat melders en getuigen elkaar niet zouden beïnvloeden. „Maar hier mág geen onduidelijkheid over zijn”, zegt CDA-Kamerlid Bruins Slot. „Die geheimhouding klopt gewoon niet”, vindt Kamerlid Belhaj van D66. „Het is geen misverstand, het is een fout”, vindt SP-Kamerlid Karabulut.




Onderzoek niet genoeg
Het is goed dat staatssecretaris Visser (Defensie) onafhankelijk feitenonderzoek laat doen naar ’Schaarsbergen’ vindt de Kamer. Ook het onderzoek naar de meldingsbereidheid en de nazorg kan op instemming rekenen. Maar dat is niet genoeg. Want hoe voorkomt Defensie dat na dit onderzoek de verbeteringen na een tijdje weer verwateren?

In 2006 en in 2010 waren er immers ook van dergelijke onderzoeken. „De oplossing ligt niet in betere regels, maar in naleving ervan, in het doorbreken van een cultuur van zwijgen en toedekken, van intern de zaakjes regelen”, zegt PvdA-Kamerlid Ploumen. Ook willen de partijen weten wat er met de daders gebeurt. „Straffeloosheid is fnuikend voor de rest van de krijgsmacht”, zegt VVD-Kamerlid Van den Bosch. „Want het blijft een prachtige organisatie, waar de meerderheid zich wél goed gedraagt.”

Bron: Telegraaf / Defensie (illustratief)