Duits-Nederlandse samenwerking bij oefenevacuatie

Het Duitse Seebataillon en Zr. Ms. Karel Doorman oefenden deze week grootschalige evacuatieoperaties. Schneller Adler was tot dit jaar een volledig Duitse oefening. Dat deze nu samen met de Koninklijke Marine gebeurde, staat symbool voor de geïntensiveerde samenwerking tussen beide strijdkrachten.
De oefening vond voorheen alleen plaats op het land, met behulp van helikopters. Nu werd het decor ook gevormd door de Duitse havenstad Rostock en het logistiek ondersteunings- en bevoorradingsschip Karel Doorman. Laatstgenoemde is met 205 meter het grootste schip van de marine. Het Seebataillon en de marine traden geïntegreerd op bij de evacuatie van burgers via het water. In een zogeheten NEO (non-combatant evacuation operation) werden burgers uit denkbeeldige conflictgebieden of gebieden met een terroristische dreiging weggehaald.




Opvang burgers
Voor de bemanning van de Karel Doorman was het een mooie gelegenheid om zich verder te bekwamen in de opvang van grote hoeveelheden burgers. Het Seebataillon oefende met name het ondersteunend amfibisch optreden, de evacuatie van burgers naar het schip.

Voorbereiding
Commandant van Zr. Ms. Karel Doorman kapitein-ter-zee Sim Schot: “Ik kijk met veel voldoening terug op de samenwerking met onze Duitse partners. Het is belangrijk dat we elkaar weten te vinden, zeker in aanloop naar ATG2020. Daar is het Seebataillon namelijk ook een onderdeel van.” In 2020 leidt Nederland de amfibische taakgroep (ATG), een onderdeel van de NATO Response Force (NRF). Dit is de snel inzetbare eenheid van het bondgenootschap.

Bron: Defensie

Zr. Ms. Karel Doorman beëindigt eerste militaire operatie

Logistiek ondersteunings- en bevoorradingsschip Zr. Ms. Karel Doorman heeft gisteren de deelname aan NAVO-operatie Sea Guardian beëindigd. In april en mei voer het schip op de Middellandse zee en bracht de scheepvaart in beeld.

doorman2

“We hebben geen illegale activiteiten gezien of drenkelingen gered, maar wel aan de beeldopbouw gewerkt en de scheepvaart in het oostelijk deel van de Middellandse Zee gemonitord”, aldus het hoofd operationele dienst van de Doorman, luitenant-ter-zee 1 Gerben Koren.

Sensoren voor beeldopbouw
Om te kunnen zien wat er allemaal op zee gebeurde, zette de Doorman niet alleen de de standaardsensoren van het schip zoals de SMILE-luchtwaarschuwingsradar en de navigatieradars, maar ook de boordhelikopter en de FRISC snelle motorboot. De Special Operations Boat Unit (NLD/BE) en de Special Operations Support Unit gebruikten de FRISC om onderzoek te doen aan boord van schepen. “Hierbij werden zij geholpen door tolken en eventueel maritime special forces bestaande uit Belgen, Denen en Nederlanders en een onbemand vliegtuigje”, vertelt Koren.

sea-guardian-2

‘SOF’-taal
Vanaf 2021 bieden België, Denemarken en Nederland een Composite Special Operations Component Command (C-SOCC) aan aan de NAVO. “Daarom is het goed om nu al van elkaar te leren, samen te werken en te integreren”, licht commandant van de Combined Joint Special Operations Maritime Task Group majoor der mariniers Jonas toe. “Iedereen spreekt de internationale ‘SOF’-taal. Dat is meer een mindset dan een fysieke taal.”

sea-guardian-3

Voor het personeel van majoor Jonas is de tijd voorbij gevlogen. “Naast het uitvoeren van diverse operaties, bood Zr. Ms. Karel Doorman fantastische trainingsmogelijkheden. Daarvan is dankbaar gebruik gemaakt. De combined setting met de Belgen en de Denen leverde veel leermomenten op. Procedures en tactieken zijn vergeleken en waar nodig verder aangescherpt.”




Volgens majoor Jonas was het een luxe om een maritieme SOF-eenheid met aan boord te hebben. “Mocht een situatie escaleren, dan konden we adequaat en snel ingrijpen door een boarding. Een dergelijke situatie heeft zich echter niet voorgedaan. De SOF-eenheid werd tijdens deze missie wel ingezet om diverse inlichtingen te verzamelen op, in en onder water. Dit heeft bijgedragen aan de belangrijke beeldopbouw voor NAVO.”