NAVO-vloot start explosieventocht op Noordzee

Mijnenbestrijdingsvaartuigen van de NAVO bevaren vanaf vandaag de Noordzee op zoek naar explosieven uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog. De mijnen en bommen leveren een gevaar op voor met name de visserij. Gisteren nog bracht de marine Zr.Ms. Zierikzee in stelling om voor de havenloop van Rotterdam een 1.000-ponder te ruimen. Deze was eerder opgevist door een vissersboot.




Het ging om een vliegtuigbom die waarschijnlijk in de Tweede Wereldoorlog door de Engelsen in zee is gedropt. De mijnenjager Zierikzee moest het projectiel eerst 4 nautische mijl (bijna 7,5 kilometer) verplaatsen. Daarna wisten duikers hem op 27 meter diepte veilig te laten ontploffen.

Ondersteuning NAVO-schepen
Ook de NAVO helpt nu een week mee voor de Nederlandse kust. Dat gebeurt met het vlootverband Standing NATO Mine Countermeasures Group 1. Hierin vaart ook de Nederlandse mijnenjager Zr.Ms. Vlaardingen mee. Dit weekend doen de schepen de haven van Amsterdam aan.

Visserij meldt geregeld
Vissersboten en andere schepen vinden geregeld oude explosieven. Ze markeren deze en geven de locatie door aan de Kustwacht. De marine vernietigt ze vervolgens vanaf haar mijnenjagers.

Aantallen sinds 2005
In 2005 kwamen 3 vissers om het leven doordat een opgeviste vliegtuigbom aan boord ontplofte. Vanaf dat jaar gingen Nederland en België actiever samenwerken op de Noordzee onder de naam Beneficial Cooperation.

Er volgden sinds die tijd circa 2.000 meldingen van explosieven. Zo’n 500 daarvan werden niet aangetroffen. Van de 1.500 die zijn geruimd, gaat de vliegtuigbom van gisteren de boeken in als 1.000e plof door een mijnenjager van de Alkmaarklasse. De andere bijna 500 ruimingen kwamen voor rekening van de maritieme Explosieven Opruimingsdienst Defensie.

Van ruim 15 explosieven is bekend dat ze nog tussen Nederland, België en het Verenigd Koninkrijk in zee liggen.
Bron: Defensie

Mijnenbestrijdingsoefening om visserij en scheepvaart te dienen

De Noordzeebodem ligt nog altijd bezaaid met vooral oude vliegtuigbommen uit de Tweede Wereldoorlog. De mogelijk nog duizenden explosieven, waaronder ook zeemijnen, leveren nog steeds gevaar op voor visserij en scheepvaart. Marine-eenheden zijn al vele jaren in touw de gevaarlijke projectielen te ruimen. Om dat goed en veilig te doen wordt er regelmatig geoefend, zoals nu… onder de noemer Sandy Coast 2018 vindt er een Mijnenbestrijdingsoefening plaats om visserij en scheepvaart te dienen.

Een internationaal team maakt de komende weken zeegebieden vrij van allerlei projectielen. Tijdens het ruimen versterken de leden niet alleen de internationale samenwerking, maar verhogen ook hun flexibiliteit en trainen de aansturing door de staf. Dit gebeurt allemaal om de operationele gereedheid op peil te houden, of die nog te verbeteren. Als de nood aan de man is, moet iedereen snel en adequaat reageren. Het gaat dan niet alleen om het ruimen van oud oorlogstuig. Zeemijnen worden in de wereld ook nu nog steeds als strategisch wapen ingezet. En je weet maar nooit of er op een dag ook een dergelijk explosief bij de Nederlandse kust ligt.




Nederlandse bijdrage
10 mijnenbestrijdingsschepen en zo’n 500 militairen van verschillende NAVO-partners nemen deel aan de mijnenbestrijdingsoefening voor de Belgische kust. Nederland levert de mijnenjagers Zr. Ms. Makkum, Vlaardingen en Urk en 1 duikteam, gespecialiseerd om te opereren in ondiep water. Daarnaast nemen er nog 3 Belgische duikteams deel aan Sandy Coast.

Uitdagende omstandigheden
De onderwateromstandigheden in het oefengebied zijn zeer uitdagend. Zo is het zicht beperkt en staat er vaak een sterke stroming. Het voordeel van deze uitdagende omstandigheden is dat extra flexibiliteit en samenwerking tussen eenheden wordt gestimuleerd. Ze opereren in 2 taakgroepen: 1 bestaat uit alleen Belgische en Nederlandse eenheden, de andere uit de mijnenbestrijdingsvloot Standing NATO Mine Counter Measures Group 1 (SNMCMG-1). Dit is een permanent multinationaal vlootverband, gevormd door direct inzetbare mijnenjagers en mijnenvegers. Zr. Ms. Makkum maakt sinds kort deel uit van deze groep schepen.

Oefenfases
Sandy Coast begint met een voorbereiding in de haven. Daarna volgen de Combat Enhancement Training (CET) en Force Integration Training (FIT). Daarbij draait het om oefeningen om maritieme eenheden vlekkeloos met elkaar te laten samenwerken. Zodra ze goed op elkaar zijn ingespeeld, volgt de operationeel tactische fase. Hierbij weten de eenheden niet hoe het oefenscenario zich ontwikkelt. De eerder beoefende skills en drills zijn nu van belang om de missie succesvol uit te voeren. In de laatste fase worden oefenmijnen uit het water gehaald.
De overkoepelende staf van de Belgische Marinecomponent en de Koninklijke Marine, de zogenoemde Admiraliteit Benelux (ABNL), leidt de oefening, die nog tot 28 september duurt.

Stabiliteit, welvaart en veiligheid
ABNL en haar NAVO partners staan schouder aan schouder wanneer het gaat om het behoud van een stabiele en welvarende Noordzeeregio. Mijnenbestrijdingsoperaties dragen direct bij aan de veiligheid van de scheepvaart en het beschermen van cruciale vaarroutes.

Bron: Defensie