Vliegschool Defensie op Woensdrecht in ‘erbarmelijke staat’

Het defensie-complex waar Nederlandse piloten worden opgeleid, verkeert in ‘erbarmelijke staat’. Dat zegt de Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht. Maatregelen zijn volgens hem snel noodzakelijk.

Schimmel
Defensie-ombudsman Hans van Griensven schreef een vernietigend verslag over zijn werkbezoek aan de Koninklijke Militaire School Luchtmacht Woensdrecht, eerder dit jaar. BN DeStem beschikt over de rapportage van de generaal-majoor. Die constateert tal van tekortkomingen op het opleidingscentrum.
Hij hekelt met name de veertig jaar oude huisvesting van het 131 Squadron op de vliegbasis, waar alle luchtmachtvliegers hun zware opleiding krijgen. De onafhankelijke inspecteur schrijft over de leslokalen en kantoren dat hij ‘met eigen ogen heeft mogen aanschouwen dat de schimmel inmiddels op de muren staat’.

Beklag
Nieuwbouw is volgens iedereen noodzaak, daarvoor werd zelfs in december 2010 vergunning afgegeven. Defensiemedewerkers doen hun beklag over het uitstel dat volgens hen de dagelijkse bedrijfsvoering belemmert. Zo moeten monteurs vanwege het slechte staat van het complex nu op verschillende andere plekken op de vliegbasis opereren.
De inspecteur adviseert de Commandant Luchtstrijdkrachten in de luchtmachttoren in Breda ‘indringend om snel iets aan de situatie te doen’. Als dat niet kan, moet Defensie met portakabins de huisvesting verbeteren. Hij kreeg als reactie dat de nieuwbouw voor de vliegschool ‘naar verwachting start in 2021′.

‘Geld genoeg’
Jurist Ferre van de Nadort, oud luchtmachtmedewerker die de rapportages over de Woensdrechtse situatie boven tafel kreeg, gelooft niet dat gebrek aan financiën het probleem is. ,,Geld is er genoeg, maar Defensie weet het niet op de juiste plek te krijgen. Defensie heeft de verplichting om voor een veilige werkomgeving voor haar werknemers te zorgen. Het is stuitend hoe keer op keer nieuwe incidenten aan het licht komen.”
Naar aanleiding van de kritiek van de ombudsman, meldt luchtmachtwoordvoerder Sidney Plankman desgevraagd, wordt inmiddels bekeken of noodhuisvesting op de vliegbasis op korte termijn uitkomst kan bieden. Vorige week nog werd bekend dat Defensie plotsklaps honderden militairen van Huis ter Heide moest onderbrengen in hotels in de omgeving van Zeist omdat de hygiëne in de slaapgebouwen ernstig onder de maat is. Met de 240 legerkamers bij de vliegschool op Woensdrecht is volgens insiders niks mis.

Werkdruk
Tijdens zijn bezoek aan de luchtmachtschool op de Vliegbasis Woensdrecht noteerde de inspecteur tal van klachten bij defensiemedewerkers over volgens hen inefficiënte bedrijfsvoering en het materiaal waarmee ze moeten werken.
Zo vertoont het nieuwe automatiseringssystemen bij de meteorologische dienst nog ‘veel kinderziektes’ Vliegers signaleerden loskomende Chroom 6-houdende verf in de cockpit van een PC-7-lesvliegtuig. Informatiedeskundigen, brandweerlieden en de luchtverkeersleiders klaagden over een groot aantal vacatures en de hoge werkdruk.

Gesloten
Bij gebrek aan mensen in ‘de toren’ zijn ze om veiligheidsredenen soms zelfs genoodzaakt het vliegveld gesloten te houden.
Piloten van het 113 Squadron (vinden dat ze te weinig tijd hebben voor goede begeleiding van de leerlingen op de elementaire militaire vlieger opleiding die worden getraind om Chinooks, Apaches, F16’s en de nieuwe F-35 te vliegen.

Bron: BNDeStem / Defensie (foto illustratief)

Cursus First Aid to Cultural Heritage in Times of Crisis: Hoe red je cultureel erfgoed?

Een collectie van onschatbare waarde van een etnografisch museum wordt met volledige verwoesting bedreigd door brand. Een medewerker van een ministerie van Cultuur is snel aanwezig. Over elke poging om (een deel van) de collectie te redden moet worden onderhandeld met de brandweercommandant. Die heeft andere zorgen: het vuur onder controle te krijgen. Dan volgt nog een explosie…

Dat was het scenario voor de afsluitende oefening van de cursus First Aid to Cultural Heritage in Times of Crisis. Die vond plaats op het terrein van de Koninklijke Militaire School Luchtmacht op de Vliegbasis Woensdrecht. Er deden 24 deelnemers uit 23 landen van alle continenten mee. Sinds 6 augustus bekwaamden zij zich 3 weken in het redden van erfgoed. In het dagelijks leven zijn de cursisten conservator, archeoloog of archivaris en sommigen militair of crisiscoördinator.




Brandweertrainingscentrum
Om de oefening zo realistisch mogelijk te laten verlopen, werd deze gehouden op het brandweer oefen- en trainingscentrum op de basis. De deelnemers moesten een kleine brand blussen en wensen en activiteiten afstemmen met de commandant ter plaatse. De opdracht was na afloop feedback aan de instructeurs te geven over de oefening.

Die bevatte modules zoals preventie, veilige evacuatie, stabilisatie en bescherming van cultureel erfgoed in risicosituaties. De deelnemers leerden een analyse te maken van beschadigingen en de risico’s, het stellen van prioriteiten en onderhandelen met autoriteiten ter plekke. Als voorbereiding op de eindsimulatie oefenden zij in de praktijk, onder meer op Landgoed de Klokkenberg in Breda.

Het is de bedoeling dat de deelnemers hun kennis doorgeven via cursussen in hun vaderland. Tot dusver zijn meer dan 100 ‘culturele first aiders’ opgeleid en officieel gecertificeerd in Egypte, Georgië, Irak en Servië. Ze vormen de kern van een internationaal netwerk van professionals, opgeleid om te reageren als een ramp onvervangbaar cultureel erfgoed dreigt te vernietigen.

Sinds 2010
De cursus is een initiatief van het Prins Claus Fonds, The International Centre for the Study of the Preservation and Restoration of Cultural Property (ICCROM), Smithsonian Cultural Rescue Initiative en de Nederlandse Unesco Commissie.

De eerste First Aid to Cultural Heritage in Times of Crisis (FAC) training vond plaats in Rome in 2010 en werd georganiseerd door ICCROM, het Italiaanse ministerie van Cultuur, Unesco en Blue Shield. Het Smithsonian Institution werkt sinds 2010 samen met ICCROM, in eerste instantie voor het beschermen van erfgoed in Haïti na de aardbeving.

Bron: Defensie