Brandweer Vliegbasis Gilze-Rijen assisteert bij bedrijfsbrand

Een E-One Titan Crashtender van Vliegbasis Gilze-Rijen is vanmorgen vroeg uitgerukt. Het voertuig assisteert op verzoek van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant bij het blussen van een zeer grote brand op het industrieterrein Kraaiven in Tilburg. Daar staan 4 bedrijven in brand. Het vuur wordt bestreden door 80 brandweerlieden en een aantal blusvoertuigen.

Het personeel van de crashtender is zojuist afgelost. Een 2e tweede crashtender van de luchtmacht is op afroep beschikbaar.

De Koninklijke Luchtmacht beschikt over (schuim) blusvoertuigen voor het blussen van grote hoeveelheden brandende vloeistoffen. Naast een vliegtuigbrand kan dit bijvoorbeeld een brand op een olieraffinaderij zijn. Voor het blussen van grote, moeilijk bereikbare branden kunnen ook helikopters met zogenoemde bambi-buckets worden ingezet. Dat zijn grote waterzakken met een inhoud van duizenden liters.

Brand meester

Even na 09.00 uur werd het sein ‘brand meester’ gegeven. Het nablussen gaat nog geruime tijd duren.




Nieuw simulatiecentrum voor helikopterbemanningen

Defensie krijgt een hypermodern simulatiecentrum met simulatoren voor het trainen van Apache- en Chinookvliegers en hun crewleden. De simulatiecapaciteit moet eind 2023 beschikbaar zijn. Het zogenoemde MSMT-project (multi ship multi type helikopters) komt op Vliegbasis Gilze-Rijen, thuisbasis van het Defensie Helikopter Commando.
De krijgsmacht opereert in uiteenlopende conflictsituaties. Zodoende moeten vliegtuigbemanningen een breed palet aan vaardigheden beheersen en onderhouden. Dat moet deels met live opleidings-, trainings- en testvluchten, maar kan ook deels met simulatoren.




Veel vaardigheden zijn inmiddels zonder verlies aan kwaliteit of trainingswaarde in een simulator te trainen. In sommige scenario’s hebben simulatoren zelfs grotere trainingswaarde. Daarnaast verminderen ze de weersafhankelijkheid en sparen materieel en milieu.

Simulatoren koppelen
Om samenwerkingsverbanden te oefenen, zijn simulatoren inmiddels aan elkaar te koppelen. De komst van het simulatiecentrum is het 1e deel van het MSMT-project. Daarna worden de Apache- en de Chinooksimulatoren aan elkaar gekoppeld en aan een nieuw Tactical Control Center. Dat gebeurt dus na 2023.

Overlast beperken
Defensie wil de overlast voor omwonenden zoveel mogelijk beperken door het gebruik van simulatoren. En hoewel die door technologische ontwikkelingen steeds realistischer worden, blijven live vliegtrainingen onmisbaar. In de civiele luchtvaart kunnen piloten bijna hun gehele vliegtraining doen met behulp van simulatie. Het merendeel van de militaire basisvaardigheden moet echter nog steeds worden beoefend via echte vlieguren. De huidige simulatoren zijn (nog) niet toereikend voor de specifieke kenmerken van het militaire vliegen.
Tactische training is deels te simuleren. Dit type training gebeurt echter meestal niet bij militaire luchthavens. Het simuleren van deze vluchten vermindert de geluidsoverlast dus relatief weinig.

Effect nog onduidelijk
Daar komt bij dat dankzij het verhoogde Defensiebudget er ruimte ontstaat voor reparatie en verhoging van het aantal vlieguren. En dan vraagt de toename van geavanceerde systemen en sensoren aan boord ook nog eens om meer training. Dit maakt het effect van simulatie op het aantal vliegbewegingen nu nog onduidelijk.

Bron: Defensie (foto illustratief)