Steun voor onderzoek naar relatie hulphond – veteraan met PTSS

Een consortium aan maatschappelijke partners, waaronder Defensie, Stichting Hulphond Nederland, het Karel Doorman fonds, Triodos Foundation en Royal Canin ondersteunt gezamenlijk het onderzoekstraject van de faculteit Diergeneeskunde Universiteit Utrecht naar de interactie tussen hulphonden en veteranen met posttraumatische stressstoornis (PTSS). Het doel van het onderzoek is om het mechanisme van de interactie tussen mens en dier zichtbaar te maken en objectief te kunnen meten. Dit om de inzet van hulphonden bij veteranen nog verder te optimaliseren, zodat deze zo goed mogelijk aansluiten bij de individuele behoefte van de veteraan. Dit meldt Universiteit Utrecht.




De urgentie voor dit project is hoog, dat vind ook luitenant-generaal Hans van Griensven, Inspecteur Generaal der Krijgsmacht: “Elk jaar zetten Nederlandse militairen zich in voor vrede en veiligheid in de wereld. Soms maakt een militair tijdens een missie dusdanig ingrijpende gebeurtenissen mee, dat hij of zij hiervan mentaal of fysieke beschadigd raakt, wat kan leiden tot een posttraumatische stressstoornis (PTSS). Voor een veteraan die via de conventionele weg uitbehandeld is, kan een hulphond dé oplossing betekenen.” Van Griensven gaat steun aan dit onderzoek verlenen.

Dr. Joris Wijnker, majoor-dierenarts bij Defensie en onderzoeker bij de faculteit Diergeneeskunde is projectleider van het Veteranen-PTSS-Werkhonden-Research Project: V-PWR. “We zien dat de hulphonden die geplaatst zijn bij veteranen met PTSS een positieve invloed op hun leven hebben. Deze positieve resultaten zijn vooral gebaseerd op subjectieve ervaringen en zelfreflectie.”

Het onderzoek richt zich op meer en beter inzicht in de interactie tussen veteraan en hulphond. Wijnker: “We starten ons onderzoek met het meten van een aantal parameters. Hierbij kun je denken aan hartslag, bloeddruk, het bewegingspatroon en andere stressindicatoren zoals het hormoon cortisol. Vergelijkbare metingen willen we ook bij de hond gaan uitvoeren. Met behulp van onder andere smartwatches maken we daarmee inzichtelijk hoe de veteraan en de hulphond zich fysiek en mentaal voelen. Naast militairen is er ook bij de andere geüniformeerde beroepen zoals politie, brandweer en ambulancedienst een toenemende aandacht voor dit probleem. Ook hier zijn veel mensen die kampen met de gevolgen van PTSS.”

Het project is afhankelijk van externe financiering. Een bijdrage leveren kan via www.vriendendiergeneeskunde.nl/hulphonden

Bron: Nationale Zorggids / Defensie (foto illustratief)

Nederlandse D-Day-veteraan overleden

Edward Hoenson was een van de laatste Nederlandse D-Day-veteranen. Hij is gisteren op 95-jarige leeftijd in Amerika overleden. De drager van het Vliegerkruis was in de Tweede Wereldoorlog sergeant vliegtuigtelegrafist-boordschutter op de B-25 Mitchell-bommenwerper.
Tijdens de D-Day-periode in juni 1944 diende hij bij 320 squadron. Dat werd in 1940 in Engeland opgericht met het geëvacueerde personeel en materieel van de Marine Luchtvaart Dienst. De eenheid stond onder Nederlands bevel maar werd ingedeeld bij de Royal Air Force. Hoenson bombardeerde vanuit de B-25 Duitse doelen.




Van dag tot dag
De vliegtuigen waren wit gekalkt, herinnerde Hoenson zich in 2014 bij de 70e D-Day-herdenking in Normandië. “Zo konden we onszelf onderscheiden van de vijand”, vertelde de marineveteraan over die gedenkwaardige dagen in 1944. Op D-Day zelf deed hij niets. “Pas dagen erna zijn wij ingezet. Door de voorbereidingen wisten we dat er iets ging komen.” Hij en veel van de andere jongens die meevochten accepteerden dat iedereen het ergste kon overkomen. “Zo leefden wij van dag tot dag. Het was de consequentie die het militaire leven met zich meebracht.”

Onder vuur
Hoenson beleefde veel spannende momenten boven bezet Europa. “We kwamen vaak onder vuur en vlogen dan letterlijk door de kogels heen. Op dat moment ben je zo kwetsbaar. En dat besef je dan ook. Als je benzinetank of motor wordt geraakt, is het einde verhaal.”

Een gemene oorlog noemde de D-Day-veteraan het. “We verloren veel mannen. Het moeilijkste was dat ook jonge jongens, van wie de vrouwen zwanger waren, omkwamen. Dat blijft mij raken”, aldus Hoenson in 2014.

Bron: Defensie