In Vlissingen: ‘Twijfels over verhuizing mariniers? Helemaal niet, die verhuizing gaat gewoon door’

De brief van staatssecretaris Barbara Visser van Defensie over de uitstroom bij het Korps Mariniers leidde tot koppen in landelijke kranten over twijfels bij Defensie over de verhuizing van de marinierskazerne naar Vlissingen. Maar volgens de Vlissingse wethouder Albert Vader is dat helemaal niet wat er in die brief aan de Tweede Kamer staat. Sterker nog: daar staat namelijk dat de verhuizing gewoon doorgaat.

Wel schrijft de staatssecretaris in die brief aan de Tweede Kamer dat de grote uitstroom bij het Korps Mariniers haar zorgen baart en dat is volgens Vader niet meer dan logisch. “Ik snap dat Defensie zich zorgen maakt over de bezetting. Ik begrijp dat daar zorgen over zijn, maar als je naar deze uitstroomcijfers kijkt dan zie je dat het echt niet alleen te maken heeft met de verhuizing.”




Andere redenen
In die brief staat onder meer dat dit jaar tot nu 157 mariniers het korps hebben verlaten, dat aantal is nu al hoger dan in heel 2017. Als reden voor hun vertrek noemen de mariniers zelf in sommige gevallen de verhuizing naar Vlissingen, maar ze noemen ook verschillende andere redenen om het korps te verlaten, zoals een veranderende thuissituatie, de toekomstmogelijkheden en arbeidsvoorwaarden.
De brief heeft voor veel ophef gezorgd, zo heeft de PVV-fractie in de Tweede Kamer al aanvullende vragen gesteld. De partij wil weten wat Defensie gaat doen als er nog meer mariniers opstappen.

Verhuizing niet op losse schroeven
Toch is die brief voor Vader nog geen reden om aan te nemen dat de verhuizing op losse schroeven staat, zoals bijvoorbeeld de Telegraaf kopte. Die krant zette boven het artikel over de brief van de staatssecretaris de kop: Verhuizing marinierskazerne onzeker.
Dat soort koppen geven volgens Vader een vertekend beeld. “Ik lees in die brief dat de voorbereiding gewoon doorgaat en ik maak me dus geen zorgen over eventuele twijfels bij Defensie.” Die brief is dus voor Vader geen teken dat de verhuizing wordt afgeblazen. “In de brief staat letterlijk: de aanbesteding wordt voorgezet conform de afspraken in 2012.”

Wel heeft de sanering van het terrein wat vertraging opgelopen, omdat de staatssecretaris eerst de vragen wilde beantwoorden van de Tweede Kamer. “Ze zei in juni dat de gunning voor de sanering waarschijnlijk in oktober kan worden verleend. De vragen heeft ze nu beantwoord, dus is er nu ruimte voor een eventueel debat in de Kamer en daarna kan de gunning verleend worden, dus lijkt het erop dat het inderdaad oktober wordt.”

Grond ernstig vervuild
Vervolgens kan er een begin gemaakt worden met de sanering van drie van de zeventig hectare grond die klaargemaakt wordt voor de aanleg van de kazerne. Die grond bleek bij bodemonderzoek ernstig vervuild te zijn.
Dan volgt in juni 2019 de gunning voor de daadwerkelijke bouw van de kazerne. Dat is het moment waarop er officieel een knoop wordt doorgehakt, het zogenoemde point of no return. Na het verlenen van die gunning kan defensie niet meer terug en is de bouw van de nieuwe kazerne definitief.

Gepasseerd station
Maar voor Vader is dat point of no return al lang een gepasseerd station. “Het besluit is in 2012 genomen. Er zijn afspraken over gemaakt en ik ga ervan uit dat die worden nagekomen.”

bron: omroep Zeeland / Defensie (foto illustratief)

Adaptieve Krijgsmacht parkeert regelgeving creatief

“Defensie legt zichzelf bureaucratische regelgeving op en dat maakt samenwerken ingewikkeld. Althans, ik kan me voorstellen dat hier mensen zijn die dat denken.” Staatssecretaris Barbara Visser zei dit vandaag tijdens de IDEA Summit in Den Helder. Haar publiek bestond uit CEO’s en voorzitters van raden van besturen.

Het doel van de conferentie was te komen tot nieuwe civiel-militaire samenwerkingsvormen op het gebied van mensen, middelen, manieren en innovatie. De bewindsvrouw deed hiervoor een beroep op de aanwezigen. Dit waren voorzitters van raden van bestuur, CEO’s en CFO’s van bedrijven die affiniteit en kennis hebben met wapensystemen en kennisinstituten. Denk bijvoorbeeld aan TNO, maar ook aan opleidingsbedrijven (zeevaartscholen) en uitzendorganisaties zoals Young Capital en Randstad.




Als voorbeeld haalde Visser de pilot aan die Defensie onlangs startte met DSV. Dit internationale transportbedrijf heeft 20.000 trailers en meer dan 250 magazijnlocaties in Europa. Capaciteit en kennis die Defensie goed kan gebruiken. Andersom hebben beide partijen behoefte aan chauffeurs. Het komt er op neer dat ze elkaar gaan helpen op piekmomenten.

Adaptieve Krijgsmacht
Het streven naar meer civiele-militaire samenwerking volgt mede uit het streven naar een Adaptieve Krijgsmacht. Alleen een groot aanpassingsvermogen maakt Defensie flexibel genoeg om snel en adequaat te reageren op de huidige, razendsnelle (veiligheids)ontwikkelingen.

Stroperige bedrijfsprocessen
De staatssecretaris liet ook de stroperige bedrijfsprocessen binnen Defensie niet onbesproken. “Dat die er zijn, klopt helemaal. Toch lukt het ons nu ook steeds vaker om die bestaande regelgeving aan de kant te zetten. Als we innovatief willen werken, zijn creatieve oplossingen nodig. Dan moeten we regelgeving desnoods even parkeren om te komen tot creatieve oplossingen. Anders komen we er nooit.”

Visser noemde niet alleen DSV als mooi voorbeeld, maar ook de samenwerking met het civiele onderhoudsbedrijf Airborne op Vliegbasis Woensdrecht. “2 aansprekende voorbeelden er is nog veel meer samenwerking mogelijk.”
De staatssecretaris riep daarnaast op om te komen tot meer inzet van reservisten. Die maken Defensie flexibeler, terwijl ook bedrijven profiteren. “Overweeg daarom om uw mensen tijdelijk bij Defensie neer te zetten. Laat hen ervaring opdoen. Met leiderschap. Met incasseren. Met doorzetten. Daar hebben we allemaal wat aan. In het belang van vrede en veiligheid. Een belang van ons allemaal.”

Bron: Defensie