Krijgsmacht krijgt meer en modernere antitankwapens

Defensie gaat zijn antitankcapaciteit voor de korte afstand vervangen en uitbreiden. Potentiële tegenstanders worden steeds sterker door uitbreiding en modernisering. Daarom heeft de krijgsmacht meer slagkracht nodig. Er zijn dus meer en krachtigere antitankmiddelen nodig. Dit liet staatssecretaris Barbara Visser gisteren per brief aan de Kamer weten.

Ook de munitievoorraad moet worden uitgebreid voor meer voortzettingsvermogen. Verder is het nodig dat ook ondersteunende eenheden zichzelf kunnen beschermen. Dit vraagt om een licht en eenvoudig te bedienen antitankwapen.

Korte en zeer korte afstand
Het huidige systeem is zowel voor de korte afstand tot 600 meter (short range anti tank, SRAT) als de zeer korte afstand tot 300 meter (very short range anti tank, VSRAT).

Voor gebruik tot 600 meter is het huidige systeem niet langer geschikt, vanwege een verouderd richtsysteem.

4 systemen
De nieuwe SRAT-capaciteit wordt ingevuld met 4 systemen:

Niet primair te voet optredende gevechtseenheden gebruiken de huidige Panzerfaust als VSRAT-systeem. Hiervoor is geen aanvulling nodig.
Voor lichte gevechtseenheden (te voet) en ondersteunende eenheden komt er een eenvoudig te bedienen, licht en goedkoper VSRAT-systeem.
Gevechtseenheden krijgen een nieuw SRAT-systeem.
Potentiële tegenstanders zijn dankzij actieve beschermingssystemen (APS) beter beschermd. Daarom moet de antitankcapaciteit na verloop van tijd verder worden verbeterd. Op termijn is een SRAT systeem nodig dat opgewassen is tegen voertuigen met moderne APS. Dit wordt later verworven.
Aanschafrisico
De kosten bedragen tussen de €100 miljoen en €250 miljoen. Het aanschafrisico is laag bij het eenvoudige, lichte VSRAT-systeem (2) en SRAT-systeem (3). Het gaat namelijk om bestaande, bewezen systemen. Bij het systeem dat tegen APS opgewassen moet zijn, is dit groter. Daarom doet Nederland eerst onderzoek, samen met Duitsland dat deze capaciteit ook nodig heeft.

Het project wordt uitgevoerd van 2021 tot en met 2027. Naar verwachting ontvangt Defensie de 1e systemen in 2024.

Kerst 2020Kerst 2020

Generaal Van Loon onderscheiden met vredesprijs Kosovo

Luitenant-generaal buiten dienst Ton van Loon is vandaag op de Legerplaats bij Oldebroek onderscheiden met de Kosovaarse Orde van de Vrijheid. Hij kreeg de onderscheiding vanwege zijn “buitengewone bijdrage aan de vrijheid en vrede in Kosovo”.

Ambassadeur Lirim Greiçevci van Kosovo reikte de medaille uit, waarna zijn dochter Heleen die vanwege de COVID-19-maatregelen opspeldde. Bij de uitreiking waren onder anderen Commandant der Strijdkrachten luitenant-admiraal Rob Bauer en Commandant Landstrijdkrachten luitenant-generaal Martin Wijnen aanwezig.

Van Loon was in 1999 commandant van de artilleristen die als onderdeel van de NAVO-vredesmacht KFOR naar het land werden gestuurd. De zwaarbewapende Nederlandse troepen (ruim 2.000 man sterk) hadden onder meer de taak om het staakt-het-vuren tussen de Serviërs en de Kosovaarse Albanezen te handhaven.

Het was voor Nederland de eerste grote missie na Srebrenica. Er werd dan ook niets aan het toeval overgelaten. Zo werd 11 Afdeling Rijdende Artillerie (de zogenoemde Gele Rijders) ingezet met hun zware M109 155mm-geschut. 1 Geniebataljon leverde bijna 1.000 militairen om tenten op te zetten en opbouw- en herstelwerk te verrichten aan bruggen en huizen. En ook een helikopterdetachement en zo’n 50 marechaussees leverden belangrijke bijdrages.

Veel indruk
De missie had op veel militairen grote impact, zo haalde Van Loon aan in zijn dankwoord. “Enorme, soms schokkende, ervaringen hebben een diepe indruk achtergelaten. Sommigen van ons lijden daar ook vandaag nog onder. Wij hebben een heel zware maar ook heel erg zinvolle uitzending gedaan. Wij hebben dat samen gedaan, daarom is dit ook onze onderscheiding.”

Hernieuwde erkenning
Van Loon ziet de medaille dan ook als een “hernieuwde erkenning” van de inzet. “We hebben het samen met andere Nederlandse militairen gedaan. Zowel naast ons op Canuba hill, maar ook met onze opvolgers die vaak vergeten worden. Deze medaille is daarmee ook een erkenning voor Nederland en de Nederlandse veteranen.”

Bill Clinton
De generaal treedt met de onderscheiding in de voetsporen van onder anderen Bill Clinton. “Toen Clinton de medaille kreeg, zeiden hij en de president van Kosovo dat de echte onderscheiding de vrede voor Kosovo is. Daar sluit ik mij volledig bij aan”, zei hij. “We kwamen in actie tegen etnische zuiveringen, het wegjagen van mensen uit hun huizen en het vermoorden van onschuldige burgers. Om in de positie te komen om echt een verschil te maken, is de onderscheiding die maar weinigen krijgen.”

De Nederlandse bijdrage aan de KFOR-missie in Kosovo werd in 2017 afgesloten. In die 18 jaar wisten de Nederlandse troepen een grote bijdrage te leveren aan de wederopbouw. Zo werd een multi-etnisch veiligheidsapparaat opgebouwd en was een van de laatste klussen een watermanagementproject.

Van Loon verliet Defensie in 2013 met functioneel leeftijdsontslag. Beluister hier een podcast van LandmachtFM, waarin Van Loon over zijn ervaringen vertelt.