Nieuwe Inspectie Veiligheid Defensie kondigt onderzoeken aan

“Veiligheid vergt aandacht en ook een kritische blik. Iemand die je een spiegel voorhoudt.” Dat zei minister van Defensie Ank Bijleveld-Schouten vanmiddag tijdens aftrap van de Inspectie Veiligheid Defensie (IVD).
Deze maakt deel uit van het ministerie van Defensie, maar werkt onafhankelijk, net als andere Rijksinspecties. De IVD is ingesteld naar aanleiding van ongevallen in 2016. Die deden zich voor op het schietterrein in Ossendrecht en in het Malinese Kidal, waar militairen om het leven kwamen tijdens een mortierschietoefening. Ook de kritische rapporten daarover van de Onderzoeksraad voor Veiligheid in 2017 leidden mede tot de komst van de IVD.




www.idv.nl
De Inspectie Veiligheid Defensie (IVD) gaat meteen voortvarend van start. Onder leiding van inspecteur-generaal Veiligheid Wim Bargerbos, start de inspectie 3 onderzoeken. Het gaat om defensieprocedures op schietterrein Het Markiezaat in Ossendrecht, het transport van gevaarlijke stoffen en de afhandeling van voorvallen. De onderzoeksplannen en de onderzoeksresultaten worden gepubliceerd op www.ivd.nl.

Schietterrein Het Markiezaat
De IVD neemt de besluitvorming en communicatie bij Defensie over het gebruik van schietterrein Het Markiezaat onder de loep. De inspectie reconstrueert de gang van zaken door documenten te bestuderen en betrokkenen te interviewen. Daarna kan een aanbeveling volgen waarmee Defensie interne procedures, en daarmee de veiligheid van het personeel, kan verbeteren.

Transport gevaarlijke stoffen
Op verzoek van de Tweede Kamer onderzoekt de IVD de implementatie van de aanbevelingen, die de luchtmacht in 2017 deed. Daarbij gaat het om het verbeteren van de veiligheid tijdens het transport van gevaarlijke stoffen door de lucht.

Voorvallen
De IVD is sinds 1 september verantwoordelijk voor onderzoek naar zogenoemde categorie 4 voorvallen. Dit zijn zwaardere incidenten. Daarnaast doet de inspectie onderzoek naar de afhandeling van kleine voorvallen, incidenten en bijna-voorvallen. De wijze waarop Defensie met de bijna-voorvallen omgaat, is belangrijk voor het lerend vermogen van de organisatie.

Rol en doelstelling IVD
De inspectie kan onderzoek doen naar aspecten van het veiligheidssysteem, specifieke thema’s zoals munitietransport of de opslag ervan, en naar voorvallen. De IVD werkt onafhankelijk en transparant en maakt resultaten openbaar. Met aanbevelingen, versterkt de inspectie de veiligheidscultuur bij Defensie.

De IVD was sinds 31 mei al in oprichting. Als alle functies zijn ingevuld, telt de dienst 25 medewerkers. Dat aantal ligt nu nog onder de 20.

Bron: Defensie

Nabestaanden verongelukte commando in de kou

Commando Sander Klap (35) ontmoette deze week twee jaar terug zijn noodlot. Niet in Afghanistan of Irak, maar in Ossendrecht. Op een schietbaan die niet had mogen worden gebruikt. Nadat veiligheidsvoorschriften met voeten waren getreden. Zijn nabestaanden voelen zich door Defensie volledig in de kou gezet.
Zoals een commando betaamt, zegt Sander Klap nooit veel over zijn werk. En al helemaal niets negatiefs. Daarom is het bijzonder dat hij in de weken voor zijn dood op 22 maart 2016 vriendin Jessica Heeren vertelt dat het tijdens schietoefeningen bijna fout is gegaan. Hij is als instructeur contraterrorisme in opleiding begonnen met het programma in het schiethuis. Dat is zo realistisch mogelijk. Er wordt geschoten met scherp.

Voorzichtig
„Ik heb niet doorgevraagd”, zegt Jessica. „Omdat ik het niet wilde weten? Misschien… Ik vertrouwde erop dat Sander voorzichtig was. Dat zei ik altijd als hij wegging. ’Doe je voorzichtig!’ Hij antwoordde: ’Altijd’. Hij had flesjes voor de kinderen gemaakt. Die kwam hij brengen met zijn motorpak al aan. ’Jongens, tot morgen’, zei hij. ’Papa is laat thuis.’ Een paar uur later stonden op mijn werk twee mensen van Defensie. Eentje herkende ik vaag, zo in burgerkleding. Hij zei dat Sander om het leven was gekomen. Ik ben gaan gillen. Zo hard.”




Op 22 maart 2016 sterft sergeant Sander Klap (35), vader van twee, op de schietbaan van de politieacademie in Ossendrecht. Hij komt om het leven door drie kogels uit het wapen van een collega. Sanders naasten geven een karakterschets die je naadloos over die van de ideale commando kunt leggen: rustig, niet van opgeven weten en extreem sportief. Klap komt bij Defensie als sportinstructeur en verruilt deze veilige functie voor een stuk risicovoller bestaan als commando bij het Korps Commandotroepen omdat hij zichzelf permanent wil uitdagen en verbeteren.

Spannender
In deze periode leert hij Jessica kennen. „Hij zei alleen dat hij bij de landmacht werkte”, herinnert de Bredase zich. Wanneer ze een stel zijn, hoort ze dat het wat spannender is. In 2010 en 2011 wordt hij uitgezonden. Het is voor zijn vriendin en moeder reden voor zorgen, weet zijn jongste broer Wilfred. „Ik maakte me niet zo druk. Ik wist hoe professioneel Sander en zijn collega’s waren.”

Over de risico’s in eigen land maakt geen familielid zich druk. Zijn ouders weten dat Defensie bezuinigt en dat het soms krap is wat betreft personeel en materieel. „Maar voor de elite zullen ze toch wel goed zorgen…”, dacht vader Bart. Het blijkt allemaal anders. Een maand na de dood van Klap ziet de familie dat Ossendrecht levensgevaarlijk is. Ze gaan er op eigen verzoek kijken. Collega’s vertellen hoe ze al jaren vragen om aanpassingen zoals kogelvangers achter de doelen. Die komen er niet omdat er geen geld is. Er wordt sinds 2007 gesproken over een nieuwe schietbaan. In 2016 bevindt die zich nog steeds in het planstadium. De nabestaanden zijn niet boos. „Eerder verbijsterd dat het zo slecht geregeld bleek”, zegt broer Remco.

De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) onderzoekt de dood van Sander Klap. De conclusies zijn vernietigend. De schietbaan voldeed niet omdat de tussenwandjes van vinyl en hout niet kogelwerend waren. Ook had het Korps Commandotroepen de procedures niet op orde en waren er te weinig bevoegde instructeurs om de oefening te begeleiden. Sander Klap, die nog in opleiding was, moest alleen de oefening leiden. Niemand kon hem corrigeren. De OVV stelt dat er ruimte voor een fout moet zijn. Die was er niet.

Laaiend
Boos zijn de nabestaanden inmiddels wel. Laaiend. Niet op Sanders collega’s. Die treft in de ogen van de familie geen blaam. Ze zijn kwaad op de Defensieleiding. In een reactie op het conceptrapport doen toenmalig Commandant der Strijdkrachten Middendorp en minister van Defensie Hennis een opvallende uitlating.
„Vanzelfsprekend onderhouden we intensief contact met de nabestaanden”, schrijven ze. „Zij worden waar mogelijk en noodzakelijk bijgestaan en over de uitkomsten van de verschillende onderzoeken geïnformeerd.”

De werkelijkheid is ook hier anders. Verder dan condoleancebrieven van Hennis en de Commandant Landstrijdkrachten Beulen komt Defensie niet. Niemand van de Defensietop meldt zich voor een gesprek. En al helemaal niet met excuses. Ook niet wanneer het OVV-rapport daar genoeg aanleiding voor geeft. „Sander had niet dood hoeven gaan”, verzucht zijn weduwe. Ze krijgt een weduwepensioen. De procedure over letselschadevergoeding zit muurvast. Na Ossendrecht komt de OVV met nog een vernietigend rapport over Defensie. Aanleiding is een mortierongeval in Mali dat twee militairen het leven kost. Met de Mali-nabestaanden wordt contact gezocht. Bij de naasten van Klap blijft het stil. Ze vragen een gesprek aan. Afgelopen januari worden ze ontvangen.

schietincident-ossendrecht_noventas-by-telegraaf_ovv

De familie hoopt op menselijkheid en een nette oplossing. Het blijkt er niet in te zitten. Bij het kennismakingsgesprek treffen ze vier juristen. Ondanks de samenstelling van het ontvangstcomité geeft plaatsvervangend secretaris-generaal Gazenbeek later aan niet onnodig te willen juridiseren. De nabestaanden wordt om een voorstel verzocht. Wanneer ze dat doen, krijgen ze een brief van zes A4’tjes terug vol juridische taal. De toon is koel en zakelijk. Een oplossing blijft achterwege.

De communicatie wordt iets warmer wanneer staatssecretaris Visser (Defensie) op bezoek komt. Ze toont haar menselijke kant, maar het woord aansprakelijkheid komt niet over haar lippen. Bij de familie is de maat bijna vol. Jessica zit ziek thuis. Tot december werkte ze. „Maar toen kon ik gewoon niet meer. Niet vanwege de rouw. Het is het idee dat Sander dood is door grote fouten en verkeerde beslissingen. Dat verteert me.” Haar schoonmoeder knikt. „Zolang niemand dat erkent en de verantwoordelijken niet worden aangepakt, kunnen we niet verder met de verwerking.”

Vernietigend
Het laatste zetje krijgt de familie vorige maand. Op verzoek van de minister deed de commissie Van der Veer onderzoek naar de veiligheidscultuur bij Defensie. Het levert weer een vernietigend stuk op. Anders dan de opdracht vermeldt, komt Van der Veer niet met een oordeel of er sprake was van nalatig of verwijtbaar handelen. „Opnieuw blijven de verantwoordelijken buiten schot”, constateert Wilfred Klap. Voor de familieleden is het reden een claim neer te leggen voor geleden emotionele schade.
Een eerste voorstel van 20.000 euro per nabestaande voor affectieschade wijzen ze van de hand. De familie vindt het geen recht doen aan de schade en de aard van het incident. „Je hebt het over dood door schuld”, zegt Wilfred. Het smartengeld dat de nabestaanden eisen, is geld waar ze nooit om hadden willen vragen. „Wanneer we serieus waren genomen, was dit niet nodig geweest”, zegt Jessica Heeren. „Maar als dit de enige manier is door te dringen tot Defensie, dan moeten ze maar bloeden.”

Niemand hierbij gebaat
Het ministerie van Defensie bevestigt in een reactie dat er gesprekken lopen met de nabestaanden over de afhandeling van de zaak. Zolang dat het geval is, wil het departement niet meer over de zaak kwijt. Het doet ook geen mededelingen vanuit oogpunt van privacy.
Raadsman Michael Ruperti zegt te hopen dat Defensie pas op de plaats maakt en er alsnog voor kiest het dossier zonder al te veel inmenging van juristen tot een goed einde te brengen. Net zoals dat in de Mali-zaak moet gebeuren. „Niemand is gebaat bij de huidige gang van zaken.”

Bron: Teelgraaf / Politieacademie (illustratief) / OVV