Burgemeesters: zet militairen in voor politietaken. Justitie en Defensie wijzen dit af.

De burgemeesters van de gemeenten Veenendaal, De Bilt en Utrechtse Heuvelrug dienen vandaag een motie in op de ledenvergadering van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten om Defensie in te zetten voor politietaken om zo het tekort aan agenten op te vangen. De militairen zouden moeten helpen bij bewaking en beveiliging, waar nu agenten voor worden ingezet.




De betreffende burgemeesters zijn bang dat agenten overbelast raken. In hun gemeenten is er steeds minder politie op straat en zijn politiebureaus steeds vaker ‘s avonds en ‘s nachts dicht.
De politie in de Utrechtse gemeenten kampt met een structureel tekort aan agenten, onder meer door de inzet bij landelijke beveiligings- en bewakingstaken. Die taken zijn erbij gekomen na de moord op advocaat Derk Wiersum. De burgemeesters begrijpen dat er bepaalde keuzes gemaakt moeten worden en steunen die ook. Ze willen echter wel een structurele oplossing.

Defensie: geen geld en capaciteit
Overigens is kans klein dat Defensie geld gaat vrijmaken om de betreffende politie taken over te nemen. Volgens een woordvoerder van minister Bijleveld heeft Defensie geen geld en capaciteit om aan het verzoek te voldoen aldus de NOS.

Geen ondersteuning vanuit Defensie
Voor politiewerk moeten voorlopig geen militairen worden ingezet, vindt justitieminister Ferd Grapperhaus. De minister wil de personeelstekorten eerst op andere manieren het hoofd bieden.
„We moeten politietaken wel politietaken laten”, zegt Grapperhaus. „We kunnen daar ook nog een hoop maatregelen in verzinnen met elkaar.” Een gemeente die om agenten verlegen zit, kan „een extra beroep” doen op de landelijke eenheid.

Minister Bijleveld van Defensie voegt hieraan toe: “In specifieke gevallen geven we zeker bijstand, maar we gaan geen reguliere politietaken uitvoeren. Daar hebben we de mensen en de middelen ook niet voor.” Ook defensie kampt namelijk met een personeelstekort.
De Koninklijke Marechaussee neemt al veel bewakingstaken op zich, aldus de minister. Bijvoorbeeld rond het Binnenhof en de Tweede Kamer. Ook bij bijvoorbeeld de inval op het woonwagenkamp in Oss leverden militairen bijstand aan de politie. En de Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EOD) wordt ingezet bij plofkaken en poederbrieven. Maar daar moet het bij blijven, vindt minister Bijleveld.

Bron: NOS / Defensie (foto illustratief) / Telegraaf

Politie, KMar en OM oefenen ‘Manhunt’ in november

De politie, de Koninklijke Marechaussee en het Openbaar Ministerie houden in de maand november een reeks oefeningen om zich voor te bereiden op een (dreiging van) een aanslag. Alle eenheden van de politie hebben het afgelopen halfjaar getraind op de zogeheten Manhunt-procedure. Vandaag is de eerste oefendag.

Oefening Sigil
Een Manhunt is een georganiseerde klopjacht op één of meerdere personen die op basis van informatie en/of politieonderzoek mogelijk een bedreiging vormt of vormen voor de nationale veiligheid. Doel van een Manhunt is om deze dreiging weg te nemen. Bijvoorbeeld door personen die een bedreiging vormen te identificeren, op te sporen en de dreiging weg te nemen. De oefenreeks draagt de Latijnse naam Sigil. Dit is afgeleid van het Latijnse woord Sigillum (zegel) en verwijst naar de bekrachtiging van deze werkwijze.

Realistisch
De oefeningen worden op verschillende data in november en verschillende plaatsen gehouden. Waar en wanneer dat precies gebeurt, is ook voor de deelnemers onbekend. Dit om hen zo realistisch mogelijk te laten oefenen. Aan Sigil doen medewerkers van het Openbaar Ministerie, de Koninklijke Marechaussee en politie mee vanuit verschillende disciplines, waaronder recherche, forensische opsporing, de Dienst Speciale Interventies en de observatieteams. Oefenlocaties worden aangekleed en acteurs worden ingezet om de oefeningen zo realistisch mogelijk te laten verlopen. Deze locaties zijn binnen niet toegankelijk voor publiek en pers. Speciale safety officers zorgen ervoor dat de oefeningen veilig verlopen.

Voorbereid
‘We investeren sterk in de voorbereiding op onze gezamenlijke inzet bij een (dreiging) van een aanslag,‘ zegt Jannine van den Berg, politiechef van de Landelijke Eenheid en portefeuillehouder Contra-terrorisme, extremisme en radicalisering (CTER). ‘Want juist van politiemensen wordt verwacht dat zij op zo’n moment optreden en een stap naar voren zetten. Samen met onze partners blijven we aandacht besteden aan scholing, training en de fysieke en mentale weerbaarheid van onze medewerkers.’