Minister verbetert missievoorbereiding na ongeval pantservoertuig

Minister Henk Kamp scherpt de procedures voor de gereedstelling van eenheden voor inzet en missies aan. Hij doet dit in reactie op de aanbevelingen van de Inspectie Veiligheid Defensie (IVD).

De inspectie heeft een ongeluk in 2019 met een door Nederland gebruikt Duits pantservoertuig van het type Dingo onderzocht. In het rapport dat daarover donderdag naar de Tweede Kamer is gestuurd, worden tekortkomingen geconstateerd in de gereedstelling van eenheden tijdens de Nederlandse bijdrage aan missie Resolute Support in Afghanistan.




Tijdens het ongeval trainden Nederlandse militairen in het donker met de Dingo op een oefenterrein van de Duitse basis Camp Marmal in Mazar-i-Sharif, Afghanistan. Het ging mis toen tijdens de rit 1 van de pantservoertuigen in een greppel belandde en kantelde. Bij het ongeval raakten 2 van de 5 inzittenden gewond, van wie 1 ernstig. Volgens de Koninklijke Marechaussee droegen de inzittenden achter in het voertuig zeer waarschijnlijk geen veiligheidsgordel.

Aan het dragen van veiligheidsgordels wordt zowel tijdens de voorbereiding als bij daadwerkelijke inzet aandacht besteed. Gordels moeten gedragen worden, maar voor het succes van de operatie kan het noodzakelijk zijn een gordel niet om te doen. De Commandant der Strijdkrachten heeft de commandanten er nu weer op gewezen de noodzaak daarvan goed af te wegen.

Aanscherping gereedstelling
De IVD heeft tijdens haar onderzoek echter breder gekeken naar de context waarbinnen het ongeluk is gebeurd. Volgens de inspectie is de voorbereiding van Nederlandse militairen op hun operationele inzet in Resolute Support in Afghanistan van het begin af aan gebrekkig geweest. Daarmee waren er jarenlang tekortkomingen in het proces van gereedstellen.

Defensie leende voor deze missie pantservoertuigen van Duitsland, wegens gebrek aan eigen materieel. Daarmee week Defensie af van het uitgangspunt dat een inzet zoveel mogelijk met eigen middelen wordt uitgevoerd.

Dit heeft invloed gehad op het inzet gereed maken van de betrokken eenheden. Een eindoefening voor de afronding van de training voor de inzet, werd niet volledig afgelegd. Dit was niet mogelijk, omdat de Dingo tijdens de voorbereiding in Nederland niet beschikbaar was voor het trainen in teamverband. Een deel van de training en de eindtoets moesten daardoor in het inzetgebied worden gedaan. Deze training bleek te beperkt en de eindtoets werd niet uitgevoerd.

Minister Kamp laat weten dat de aanbevelingen van de IVD over de gereedstelling voor inzet een concreet vervolg krijgen. Bij trainingen voor missies wordt voortaan zoveel mogelijk gewerkt met materieel dat ook in het uitzendgebied wordt gebruikt. Voortaan toetst Defensie of eenheden daadwerkelijk gereed zijn. In de instructies over inzetgereedheid worden minimumeisen opgenomen.

Eenheden krijgen een specifieke opdracht om op het juiste gereedheidsniveau te komen. Wanneer eenheden die trainingen (deels) in het uitzendgebied moeten afwerken, ziet de hoogste Nederlandse commandant in het betreffende gebied toe op de uitvoering daarvan.

Een goed functionerend systeem voor risicomanagement zorgt voor het onderkennen en controleren van risico’s. De IVD beveelt aan risicomanagement nadrukkelijk in het proces van het gereedstellen van een eenheid te verankeren. Hoewel er inmiddels al de nodige stappen in de goede richting zijn gezet, wordt ook dit aspect geëvalueerd en verbeterd.

Bron: Defensie Foto:Bundeswehr/Faller

C-17’s brengen mensen en materieel uit Afghanistan thuis

2 C-17 transporttoestellen van de internationale Heavy Airlift Wing vlogen de afgelopen 2 weken af en aan tussen Roemenië en Afghanistan. Via de luchtbrug kwamen Europese NAVO-militairen en materieel terug vanuit onder meer Kabul en Baghram. Via de luchtbrug kwam ook het laatste Nederlandse materieel terug uit Mazar-e Sharif. 11 september 2021 geldt als officiële einddatum van missie Resolute Support. Dan moet de NAVO volledig uit Afghanistan weg zijn, dus ook de laatste Amerikaan. De Nederlandse militairen zijn al terug.




De Heavy Airlift Wing (HAW) ondersteunde deze redeployment. De HAW bestaat uit een poule van 12 landen, waaronder Nederland. Met internationaal samengestelde bemanningen maken ze gebruik van 3 C-17’s. 8 van de 12 partners deden een beroep op deze transportcapaciteit.

De terugtrekoperatie kreeg de naam Resolute Support Retrograde en liep van 13 juni tot gisteren. In die periode maakten beide C-17’s 66 vluchten, haalden 592 militairen op en 307.894 kilo vracht. Die bestond uit voertuigen en ander militair materieel.

Geografisch gunstiger
Normaliter zijn de C-17’s gestationeerd op de Hongaarse Pápa Air Base. Voor operatie Resolute Support Retrogade werd echter een logistieke hub ingericht in het Roemeense Otopeni. Vanaf daar vlogen de transporttoestellen naar Afghanistan en terug, om de vracht vervolgens later af te leveren in verschillende Europese locaties, waaronder vliegbasis Eindhoven.

Opereren vanaf Roemenië bood verschillende voordelen, vertelt luchtmachter sergeant-majoor Martijn van het Command and Control Squadron van HAW. “Het land ligt geografisch gunstiger. Vanaf Roemeense bodem is het 2 uur korter vliegen naar Afghanistan dan vanuit Hongarije. Dat verkort de werktijd van de bemanning en maakt dat we minder brandstof nodig hebben. Bijtanken op Afghaanse bodem is niet nodig: we kunnen mensen en materieel inladen en daarna meteen weer vertrekken. Zo verkort je de ground time van de operatie. Belangrijk, omdat de dreiging in het gebied toeneemt.”

Einde missie
Volgens commandant Logistics Support Squadron van de HAW, luitenant-kolonel John Roem, was Resolute Support Retrograde een bijzondere operatie. “Die markeert het einde van onze militaire aanwezigheid in Afghanistan, die bijna 20 jaar heeft geduurd. Daarnaast transporteerden we veel mensen en een grote hoeveelheid materieel, ook nog eens van verschillende landen. Dat maakt de operatie complex, maar juist hier ligt onze kracht als Heavy Airlift Wing. Ik ben erg trots dat wij als Nederland met ons Nederlands militair personeel van de Heavy Airlift Wing aan deze operatie konden deelnemen en onze bijdrage leveren.”

Bron: Defensie