Eerste millitaire onderscheiding voor dapperheid in Mali

Vier veteranen krijgen donderdag een dapperheidsonderscheiding voor hun inzet tijdens militaire missies in Afghanistan en Mali. Het is voor het eerst dat een veteraan van de missie in Mali wordt onderscheiden. Dit meldt de NOS. Drie van de veteranen zijn afkomstig van de landmacht, de vierde zat bij het Korps Mariniers.

Donderdag worden hun namen bekend en de gebeurtenissen waarvoor ze worden onderscheiden. Minister van Defensie Ank Bijleveld speldt driemaal het Bronzen Kruis op en eenmaal het Kruis van Verdienste.

Dapperheidsonderscheidingen worden niet vaak uitgereikt. De hoogste onderscheiding, de Militaire Willems-Orde, is drie keer uitgereikt aan veteranen die actief waren in Afghanistan.

De missie in Mali liep op 1 mei ten einde. Nederlandse militairen hebben vijf jaar een bijdrage geleverd aan de VN-missie Minusma. Ze voerden onder meer langeafstandsverkenningen uit. Van 2006 tot 2010 waren Nederlandse militairen actief in de Afghaanse provincie Uruzgan.




Redeploymentteam Mali klaar voor immense klus

5 jaar lang werd er volop gebouwd, gegeten, geslapen, gesport: geleefd. Maar nu Nederland zich terugtrekt uit missie Minusma, wordt Kamp Castor in Mali ontmanteld. Een schone taak voor het Redeployment Element, met nadruk op schoon. Want dat de logistiekelingen het materieel smetteloos naar Nederland vervoeren, is van levensbelang.

1 mei eindigde de Nederlandse inzet voor missie Minusma in Mali. Het 100-koppige redeploymentteam is dan al een paar weken bezig met de voorbereidingen. In september moet de klus geklaard zijn: dan moet al het Nederlandse materieel verscheept, verkocht of vernietigd zijn. “Voor ons logistiekelingen een mooie uitdaging”, vertelt 2e luitenant Elise. Die uitdaging zit ‘m volgens de pelotonscommandant vooral in personeelszorg. “We kunnen hier niet werken zoals in andere missiegebieden, omdat het extreem warm is. Het is heel zwaar om buiten te werken.”




Zuinig met water
En dus begint de dag vroeg, wanneer de zon nog niet zo sterk is. Na de allerlaatste patrouille leveren militairen van Long Range Reconaissance Patrol Task Group (LRRPTG) hun spullen in: eerst alle wapens, gereedschap, radio’s, maar ook voertuigen worden door de wasstraat gehaald. Elise: “Als iedereen op het kamp 2 minuten per dag mag douchen, begrijp je dat we zuinig moeten zijn met water. Daarom gebruiken we ‘grijs’ water, waarmee eerder is gedoucht.”

Varkenspest

Het kamp heeft geen verharde ondergrond, dus alles is doordrongen met roodbruin stoffig woestijnzand. Elise: “Dat moet eraf voor het teruggaat naar Nederland. De klompen modder onder de patrouillevoertuigen kunnen vermengd zijn met uitwerpselen. Mali is een derdewereldland waar bijvoorbeeld nog varkenspest voorkomt. Daarom zijn er strenge richtlijnen en werken we heel zorgvuldig.” De spullen gaan schoon in plastic zakken. Die gaan in dozen op pallets de containers in. Naar schatting 150 containers gaan in 5 vrachtvliegtuigvluchten en 5 roadmoves richting vrachtschepen.

Lange lijsten
Maar daar zitten lang niet alle Nederlandse items in. Op lange lijsten met duizenden spullen staat aangegeven wat verkocht, overgedragen of vernietigd wordt. Elise: “Niet alles is de moeite waard om mee terug te nemen. Coalitiepartners hebben wel interesse om bijvoorbeeld versleten containers of gereedschap over te kopen, die kunnen zij hier nog goed gebruiken. Maar natuurlijk zijn er ook zaken waar we in Nederland collega’s blij mee maken. Zoals goede voertuigen als Fenneks en Bushmasters, waar een tekort aan is.”

Bron: Defensie