Minister bedankt Bikkels voor tomeloze inzet na orkanen Irma en Maria

“Wat een teamwork. Wat een inzet. En wat een bikkels.” Zo omschreef minister van Defensie Ank Bijleveld-Schouten de honderden hulpverleners die op Sint Maarten en de andere Bovenwindse Eilanden werkten na orkanen Irma en Maria. Vanmorgen reikte ze de Herinneringsmedaille voor Humanitaire Hulpverlening bij Rampen uit.

“Je zet de knop om. Je staat om 6 uur ‘s ochtends op, eet wat en dan volle bak aan de slag. Tot 7 – 8 uur ’s avonds – tot het donker wordt. En dat elke dag weer”, citeerde ze een van de hulpverleners. Enige honderden militairen, politieagenten en andere hulpverleners ontvingen in Nijkerk de in metaal gevatte dank voor hun inzet.




Doorgaan waar anderen stoppen
“Wat ik zelf zo bijzonder en indrukwekkend vind aan uw werk, is dat voor uw inzet eigenlijk geen vast plan bestaat. Er staat nergens beschreven wat je moet doen bij natuurgeweld. Wat je moet doen bij chaos, als niets het meer doet en burgers radeloos zijn.” Bijleveld somde tal van voorbeelden op van de inzet van hulpverleners. “Trots, is voor mij eigenlijk het woord dat hier het beste past. Als mens. Als Nederlander. En ook als minister van Defensie”, vatte ze het samen.

Ze zei dat de hulpverleners de eilandbewoners weer wat hoop hebben gegeven om zelf verder te gaan. “Om zelf de handen uit de mouwen te steken. Of, zoals een inwoner van Sint Maarten zo mooi tegen een van u zei: “We are down, but we are not out”. Bijleveld prees de mentaliteit van de hulpverleners. “Je gaat door waar anderen stoppen. Voor de samenleving. Voor mensen in nood.” De minister bedankte ook het thuisfront. “Zonder uw steun, zonder uw doorzettingsvermogen, geen missies en geen inzet. Dat weten we allemaal!”

Hulpverlening
Orkaan Irma groeide in september 2017 uit tot een storm in de zwaarste categorie en liet een spoor van vernieling achter op onder meer Sint Maarten. Een kleine 2 weken later raakte eilandstaat Dominica ook zwaar beschadigd toen orkaan Maria erover raasde. Militairen van de marine, landmacht, luchtmacht en marechaussee herstelden samen met lokale autoriteiten verbindingen en wegen, hielpen bij het evacueren van gewonden en werden ingezet om plunderingen te voorkomen en de openbare orde en veiligheid te handhaven. Varend en vliegend Defensiematerieel leverde tonnen hulpgoederen af.

De noodhulp duurde uiteindelijk van 5 september tot 28 november 2017. Op het hoogtepunt waren meer dan 600 militairen op Sint-Maarten, terwijl nog eens 400 man hen ondersteunden vanaf schepen en de Benedenwindse eilanden.

Bron: Defensie

Minister van Defensie Bijleveld oogst bijval maar ook kritiek

Met de 1,5 miljard euro die dit kabinet jaarlijks in defensie steekt, is de krijgsmacht er nog niet. Wat minister Bijleveld (Defensie) betreft wordt al in 2020 gekeken of haar begroting omhoog kan. Ze krijgt bijval vanuit de Tweede Kamer en van vakbonden.
De minister presenteerde gisteren haar defensienota. Daarin staat wat er gebeurt met het extra geld dat in het regeerakkoord is vrijgemaakt voor defensie. Het gaat vooral op aan personele kosten, aanvullen van voorraden, moderniseren van wapensystemen en het vervangen van materieel. Van echte uitbreidingen is zo goed als geen sprake.




Om die stap te maken, is een verdere verhoging van de defensiebegroting nodig. Bijleveld nam daar een voorzichtig, maar duidelijk voorschot op. In 2020 zal de defensienota worden herijkt. „Het is helder dat hier een vervolg op moet komen”, aldus de minister over het huidige stuk.

Tevreden
In de Tweede Kamer worden de plannen overwegend positief ontvangen. VVD-Kamerlid André Bosman zegt tevreden te zijn. De kritiek dat het geld vooral gaat naar het opvullen van oude gaten in plaats van het vergroten van de slagkracht, legt hij optimistisch uit. „Ik heb de afgelopen jaren veel te weinig gehoord dat er geld bij moet. Dat nu iedereen dat begint te zien, daar ben ik blij mee.”
Het CDA zit op dezelfde lijn. Van de regeringspartijen laat alleen de ChristenUnie subtiel doorschemeren dat er op langere termijn meer nodig is. Kamerlid Voordewind spreekt van „een eerste stap richting versterking van de krijgsmacht.”

De SGP gaat het allemaal niet ver genoeg. SGP-leider Van der Staaij wil een verdubbeling van de investeringen. Kritiek is er ook op de inhoud. GroenLinks stelt dat er onvoldoende keuzes worden gemaakt. Kamerlid Diks vindt dat er te weinig geld gaat naar het uitbreiden van de cybercapaciteit. Als dat onderwerp als de bedreiging voor de toekomst wordt gezien, moet daar volgens GL ook echt voor worden gekozen. De PVV reageert teleurgesteld. Kamerlid Popken mist onder meer de extra slagkracht. „Hier wordt Nederland niet veiliger door.”

Overwinning
Voor de vakbonden geldt de defensienota als een overwinning. Uit het stuk blijkt onder andere dat ze de slepende strijd over het zogeheten AOW-gat hebben gewonnen. „De minister heeft een juiste keuze gemaakt door eerst voor het personeel te kiezen”, oordeelt duo-voorzitter Marc de Natris van de Gezamenlijke Officierenverenigingen.

„Ze heeft tegelijkertijd investeringen ten behoeve van een innovatieve en toekomstbestendige krijgsmacht en dus meer slagkracht voor zich uitgeschoven. Die investeringen zijn hoognodig om onze militairen in een onveiliger wereld hun werk goed en zo veilig als mogelijk te kunnen laten doen.”

Bron: Telegraaf / Defensie