Dreiging Drone-aanval geldt ook voor Nederland

De dreiging van aanvallen met drones is volgens de AIVD ook in Nederland reëel. De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) waarschuwde hier in 2017 al voor. Je kunt met drones van een paar honderd euro al gebruiken voor een terreurdaad. Defensie en de politie moeten ze voorkomen, maar een waterdicht systeem is er nog niet.

Voor zover bekend is er in het Nederlandse luchtruim nog geen terreurdrone de lucht in gestuurd, maar de Rotterdamse rechtbank buigt zich in november wel over de zaak van Abdulkadir Ü. Volgens justitie zou deze 25-jarige Vlaardinger zich online hebben verdiept in het gebruik van drones geladen met explosieven. Het OM stelt dat Ü. lid is geweest van Al Qaeda. Terreurgroepen als deze maken graag gebruik van consumentendrones die ze bewapenen. De machinetjes werden met dodelijk succes ingezet door IS tijdens de strijd in Syrië.




Het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando (DGLC) speelt een hoofdrol bij het voorkomen van drone aanvallen. Formeel hebben Lokale autoriteiten de taak het Nederlandse luchtruim veilig te houden, maar in de praktijk zijn het de mensen van het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando (DGLC) die dit doen. Ze worden ingezet tijdens grote nationale evenementen en gebeurtenissen die veel bezoekers trekken.

“Militairen komen tientallen keren per jaar in actie”
Volgens het DGLC komen hun medewerkers tientallen keren per jaar in actie. Dit doet men met zeer geavanceerde kijkers in combinatie met compacte radarsystemen waarmee men het luchtruim aftast en waar nodig de politie inschakelt. Er zijn zo volgens de luchtverdediging al dronepiloten betrapt en aangesproken. Gelukkig zonder kwade bedoelingen. Want volgens de internationale drone-expert en onderzoeker Kay Wackwitz is de westerse samenleving vrij weerloos tegen een vijandige drone-aanval, bijvoorbeeld met explosieven of voor spionage.

Een grotere drone kan defensie uit de lucht schieten met een Stinger of Patriot raket. Dat zijn zware en bijzonder kostbare luchtdoelraketten waarvan Defensie een beperkt aantal heeft en die niet worden ingezet voor een met explosieven geladen consumentendrone. Zowel internationaal als nationaal wordt gekeken naar systemen waarmee dit zou kunnen. Dan wel apparatuur waarmee het vliegtuigje vanaf de grond zo kan worden gestoord dat hij geen gevaar meer vormt. Een volgens het DGLC kansrijke optie voor dronebestrijding zou een mobiele laser zijn.

Bron: Telegraaf / Defensie

’Nederland kan raketaanval niet aan’

Ondanks het extra budget van Defensie is men bij het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando (DGLC) toch enigszins sceptisch. De resultaten van het extra geld zijn goed zichtbaar in onder meer de eerste gemoderniseerde Patriot Fire Unit en de in schutkleuren gespoten zeecontainer. Met de nog aan te schaffen verbeterde rakketten is Nederland nog een stap verder.




Een investering die hard nodig was aldus kolonel Jan Blom. De dreiging vanuit de lucht is volgens hem groter dan ooit. Wekelijks komt er wel iets in het nieuws. Denk aan de nucleaire testen van Noord-Koreaans, de nucleair aangedreven Russische raket of de testen van de hypersonische raketten door China. Alle zaken hebben gemeen dat ze via de lucht ook voor Nederland een directe bedreiging kunnen vormen.

De huidige capaciteit van Defensie is echter nog niet voldoende om ons eigen grondgebied te beschermen tegen raketten en aanvallen van vijandelijke vliegtuigen.
De samengevoegde luchtverdediging van land- en luchtmacht is een schoolvoorbeeld van de bezuinigingen. Van de ooit vijfduizend man om ons luchtruim te beschermen zijn er nu nog maar zevenhonderd over. Driekwart van de twaalf batterijen luchtafweer die er in 1990 waren is weggesaneerd.
Defensie heeft dit deels opgevangen door de samenwerking van de Nederlandse en Duitse luchtverdediging. En kwalitatief hoort Nederland nog steeds bij de top aldus Jan Blom.

Lees hier het volledige artikel in De Telegraaf.

Bron: Telegraaf / Defensie