Kabinet versterkt Nederlandse Defensie Industrie

Defensie wil bij het kopen van materieel het beste product voor de beste prijs. Maar ook het Nederlandse bedrijfsleven moet maximaal worden betrokken. Daarvoor wordt de Nederlandse defensie-industrie versterkt, beschermd en internationaal gepositioneerd. Dit staat in de nieuwe Defensie Industrie Strategie (DIS) van Defensie en Economische Zaken en Klimaat (EZK). De DIS is vandaag gepresenteerd door minister Ank Bijleveld-Schouten tijdens het jaarlijkse NIDV-symposium van de Nederlandse defensie-industrie.




Op eigen benen
Om een rol van betekenis te kunnen spelen in de samenwerking met andere landen, en een waardevolle bijdrage te leveren aan de veiligheid in Europa heeft Nederland een sterke, stabiele basis nodig. Minister Ank Bijleveld-Schouten: “We hebben eindelijk weer perspectief op een grotere en sterkere krijgsmacht. Niet alleen omdat de krijgsmacht dat nodig heeft, maar ook omdat de situatie in de wereld dat van ons vraagt. De veiligheidssituatie is verslechterd en Nederland en Europa moeten op eigen benen kunnen staan. We moeten onszelf kunnen beschermen. Daarvoor is een sterke basis nodig van kennis, technologie en capaciteiten.”

Kennis en technologie
De DIS beschrijft die basis en die bestaat uit militaire kennis, technologie en industriële capaciteiten. Nederland wil bijvoorbeeld onafhankelijk kennis kunnen blijven ontwikkelen ter verbetering van militaire prestaties. Daarnaast wil Nederland technologieën mee-ontwikkelen, die belangrijk zijn voor het uitvoeren van militaire taken. Denk aan kunstmatige intelligentie, cyber en robotica.

Militaire capaciteiten
Ook heeft Nederland de ambitie om zelf militaire capaciteiten te ontwerpen en produceren. Hierbij wordt rekening gehouden met de hier aanwezige industrieën. Concreet betekent dit bijvoorbeeld dat Nederland zijn eigen marinebouw wil behouden en versterken. Ook is het belangrijk om sensorsystemen zo veel mogelijk in Nederland zelf te ontwikkelen en onderhouden. Ten slotte is er de ambitie om zelf onbemande verkenningssystemen en satellieten voor inlichtingenfuncties zelf te produceren.
Op andere gebieden wil Nederland toeleverancier zijn van buitenlandse bedrijven. Het landingsgestel voor de F-35 wordt bijvoorbeeld in Nederland geproduceerd.

Economische groei
Staatssecretaris Mona Keijzer: “Niet voor niets heet het de Defensie Industrie strategie. In de DIS is de industrie een belangrijke component omdat deze sector goed is voor ruim 25.000 banen, een omzet van 4,5 miljard euro en betrokkenheid van meer dan 350 Nederlandse bedrijven. Deze vernieuwde DIS draagt bij aan onze economische groei en werkgelegenheid in de hightech-, maak- en maritieme industrie.

Meer open Europese defensiemarkt
Als het in het belang van de nationale veiligheid is, kiest Nederland bij toekomstige aanbestedingstrajecten voor Nederlandse leveranciers. Dit gebeurt binnen de kaders van de Europese regelgeving. Het kabinet wil zich sterk maken voor een meer open Europese defensiemarkt. Hierbij is er een gelijk speelveld voor alle landen en wordt kritisch gekeken naar buitenlandse overnames. Ook dit moet de Nederlandse defensie-industrie een impuls geven. Mocht het belangrijk zijn om spullen snel te hebben, dan koopt Nederland ze elders van de plank.

bron: Defensie

Topjaar voor Defensie-industrie

Afgelopen jaar hebben de meeste landen meer wapens en militair materieel gekocht. De waarde van de wereldwijde defensie-industrie steeg dan ook met 6,6 miljard dollar naar 65 miljard dollar.
Dit blijkt uit cijfers van het jaarlijkse rapport over defensiecontracten en wapenleveranties van de gerenommeerde Amerikaanse denktank IHS Jane’s. De grootste wapenleverancier is nog steeds de VS, gevolgd door Rusland en Duitsland. Ook Frankrijk verkocht flink meer wapens. De groei bij de Amerikanen komt vooral door de verkoop van de JSF.

Uit het rapport blijkt ook dat de meeste materieel naar het Midden-Oosten gaan. In totaal kochten de landen in dat gebied voor zo’n 21,6 miljard dollar. De grootste afnemer was Saudi-Arabië met 9,3 miljard dollar. Dat is meer dan de West-Europese landen samen uitgaven aan materieel en wapens.

China en Europa
De spanningen rond de Zuid-Chinese Zee zorgen voor meer afname in Azië. Sinds 2009 zijn de uitgaven in die regio met 71 procent gestegen. Vooral Zuid-Korea versterkt zijn leger door afgelopen jaar voor 2,2 miljard in te kopen. Ook Australië heeft met 2,3 miljard vorig jaar veel ingekocht.
De Baltische staten en Polen zijn het die in Europa vooral meer inkopen. Dit vanwege de spanningen die zijn ontstaan door de Russische annexatie van de Krim. Volgens de opsteller van het rapport hebben de Polen defensiecontracten openstaan ter waarde van 16,3 miljard dollar en kopen ze vooral tanks.

De verwachting is dat de markt nog niet verzadigd is en dit jaar uitkomt op een totale waarde van 69 miljard dollar.

Bron: NOS / Defensie