Pathfinders op grote hoogte boven Marnewaard

6 pathfinders zweven op grote hoogte met hun grijze parachute boven de Marnewaard. Een voor een landen ze op de groene grasvlakte van het Groningse oefenterrein, pakken hun parachute in en verplaatsen zich naar de bosrand. De pathfinders van 11 Luchtmobiele Brigade hebben deze week voor het eerst vrije val gesprongen (een zogeheten tactische inzetsprong) met een paracompagnie tijdens de tweedaagse oefening Overhead Assault.

3 kilometer hoog
Boven de Marnewaard sprongen de pathfinders op 3 kilometer hoogte uit een C-130 Hercules transportvliegtuig. Hun taak was het uitzetten van een landingslocatie voor een paracompagnie die vervolgens enkele doelen moest uitschakelen. Tijdens de oefening sprongen de pathfinders overdag, maar bij een echte inzet springen ze ’s nachts om ontdekking te voorkomen.




‘Waardevolle aanvulling’
“Het voordeel van vrije val is dat je stil, met een klein groepje, georganiseerd aan de grond kan komen”, legt sergeant-majoor René uit, opvolgend pelotonscommandant van het pathfinderpeloton. René is erg tevreden over de ontwikkeling: “Dit is een zeer waardevolle aanvulling op onze capaciteiten. Het heimelijk naderen van een dropzone in vijandig gebied was hiervoor namelijk een stuk lastiger.”

Springen

Voorheen sprongen de pathfinders op dezelfde manier als de static line-parachutisten. Dat betekent met een parachute die bijna direct na de sprong automatisch opengaat, op een hoogte van slechts 400 meter. Dan ben je al binnen 40 tot 60 seconden aan de grond.

Oefening van LMB ism KLu. Inzet pathfinders en snipers

Het pathfinderpeloton van 11 Brigadeverkenningseskadron is sinds begin dit jaar vrije val opgeleid. Hierdoor kunnen ze van grotere hoogte uit een vliegtuig springen, kilometers ver door de lucht zweven en dieper in vijandig gebied infiltreren. Zo zijn ze in staat heimelijk een landingslocatie voor parachutisten, helikopters of vliegtuigen uit te zetten, te bemannen en te beveiligen. De pathfinders springen tot enkele dagen voor de andere troepen uit om hun voorbereidende taken te verrichten. Vervolgens kan de rest veilig landen.

Bron: Defensie