Tweede Kamer bespreekt toekomstvisie Defensie en NAVO-plan

“We moeten de bakens verzetten. Europese landen, waaronder Nederland, moeten meer verantwoordelijkheid nemen voor de eigen veiligheid.” Dit zei minister van Defensie Ank Bijleveld gisteravond tijdens het plenair debat over Defensies toekomstvisie en het Nationale Plan voor de NAVO. Eind vorig jaar diende Nederland dit plan in bij de NAVO.

De minister van Defensie riep de afspraken in herinnering die minister-president Mark Rutte maakte tijdens de NAVO-top van afgelopen juli. Regeringsleiders en staatshoofden besloten toen om geloofwaardige nationale plannen te maken. Die moeten de Defensie-uitgaven in 10 jaar laten stijgen in de richting van de NAVO-norm van 2% van het Bruto Binnenlands Product.




Eerlijke bijdrage
Bijleveld: “Het gaat hier om onze eigen veiligheid én we laten als rijk land zien dat we een eerlijke bijdrage willen leveren aan de slagkracht van de NAVO én de EU. Op dit moment doen we dat namelijk niet.”

De internationale veiligheidssituatie is instabieler én complexer geworden. Er komen nieuwe dreigingen op Nederland en Europa af, terwijl ook de conventionele dreigingen toenemen. Daardoor moet Defensie op meer situaties voorbereid zijn. “Niet alleen de assertieve houding van Rusland, de onrust en conflicten aan de zuidkant van Europa, maar ook nieuwe ontwikkelingen als toenemende cyberdreiging. Dit alles maakt ons kwetsbaar als we er niet op anticiperen,” aldus Bijleveld.

Prioriteiten
In het nationaal plan staan materiële investeringen die Nederland wil doen. Het plan is geschreven op basis van de materiële capaciteiten die de NAVO van haar bondgenoten vraagt. Daarbij heeft ook het kabinet de intentie uitgesproken om extra te investeren in Defensie. “Het is geen vrijblijvende intentie. Nederland moet als betrouwbaar bondgenoot stappen blijven zetten. De kracht van de NAVO is de eenheid en betrouwbaarheid. Dat we vanuit onze gezamenlijke waarden grenzen stellen en bewaken”, benadrukt Bijleveld. “Die eenheid bewijst zich nu al ruim 70 jaar als ons belangrijkste wapen en de hoeksteen van ons veiligheidsbeleid.”

Nederland heeft 5 investeringsprioriteiten bepaald om huidige én toekomstige dreigingen het hoofd te bieden:
1. Extra F-35 jachtvliegtuigen
2. Uitbreiding van vuurkracht op land
3. Uitbreiding vuurkracht op zee
4. Versterking van de special forces
5. Versterking van het cyber- en informatiedomein.
Op deze prioriteiten richt Defensie zich in deze kabinetsperiode. “Daarmee zijn we er dus nog niet. Daarom heb ik in de Defensienota lange lijnen naar de toekomst geschetst”, aldus de minister. In de herijking van de Defensienota in 2020 worden die lijnen verder uitgewerkt.

Bron: Defensie

Alsnog celstraf marechaussee in cokezaak Schiphol

Een voormalige wachtmeester van de Koninklijke Marechaussee heeft van het gerechtshof in Amsterdam voor zijn rol in een drugsbende alsnog vijftien maanden celstraf gekregen, waarvan zeven voorwaardelijk.
De rechtbank had hem eerder alleen een werkstraf en een voorwaardelijke celstraf opgelegd.




In tegenstelling tot de rechtbank vond het hof maandag dat de 38-jarige Ronald J. wel degelijk deel uitmaakte van de criminele organisatie, die vanuit de Dominicaanse Republiek cocaïne naar Nederland smokkelde, onder meer via Schiphol. Hij controleerde in de computersystemen van de dienst of beoogde koeriers er niet in voorkwamen en veilig konden in- en uitreizen.

Vakantie
De informatie speelde hij door aan zijn huisvriend Jeffrey B. (32), die voor zijn rol in de drugsbende zes jaar en vier maanden celstraf kreeg.
De ex-marechaussee bekende destijds al te hebben gelekt, maar te hebben gedacht dat het om onschuldige informatie ging. Zijn vriend zou als hij op vakantie ging bij hem hebben aangeklopt om te horen of de mensen met wie hij wegging zonder problemen door eventuele controles zouden komen.
De hoogste straf in de zaak was voor kopstuk Eduard V. (50). Hij kreeg acht jaar en vier maanden cel, iets hoger dan de acht jaar die de rechtbank eerder oplegde. Het hof vond negen jaar gepast, maar trok daar acht maanden vanaf omdat V. lang op zijn berechting moest wachten.

Oude straf
V. moet ook de resterende ruim 2,5 jaar van een oude straf uitzitten. Hij kwam in 2013 in Nederland onder voorwaarden vrij, nadat hij in Zwitserland wegens cocaïnesmokkel acht jaar cel aan zijn broek had gekregen.
Zijn nieuwe activiteiten kwamen al datzelfde jaar aan het licht tijdens een onderzoek naar zijn handel en wandel door de FIOD. Het onderzoek kreeg voorrang na signalen dat een marechaussee bij de zaak was betrokken.

Bron: AD / Defensie (foto illustratief)