Groen Links wil Marineschepen noemen naar stoere vrouwen

Defensie moet nieuwe fregatten van de marine vernoemen naar ‘stoere vrouwen’, stelt GroenLinks. De partij heeft zelf al twee suggesties: Francien de Zeeuw, de eerste vrouwelijke militair in de Nederlandse krijgsmacht, en verzetsheldin Jos Gemmeke. Zij kreeg, als enige vrouw naast koningin Wilhelmina, de Militaire Willemsorde. Van alle vaartuigen van de Koninklijke Marine is er geen enkele vernoemd naar een vrouw.

De nieuwe fregatten komen pas in 2028 in de vaart. De Zeeuw was in 1944 de eerste vrouw die toetrad tot de Marine Vrouwen Afdeling.

Over Francien de Zeeuw (wikipedia)
Francien de Zeeuw (Terneuzen, 19 mei 1922 – Middenbeemster, 8 september 2015) was een Nederlands verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog en de eerste vrouwelijke militair binnen de Nederlandse krijgsmacht.

De Zeeuw was in de Tweede Wereldoorlog actief in het verzet en luisterde telefoonverkeer af, drong telefooncentrales binnen en smokkelde. Ze meldde zich aan voor de nieuw op te richten Marine Vrouwenafdeling (Marva) en vertrok eind 1944 vanuit het reeds bevrijde deel van Nederland naar Engeland waar zij de eerste Marva werd. De Zeeuw werd gedecoreerd met het Oorlogsherinneringskruis, het verzetsherdenkingskruis en het Ereteken voor Orde en Vrede.

Na de oorlog ging ze in Purmerend wonen, waar ze een gezin stichtte.

In 2017 werd in Terneuzen de biografie “Francien de Zeeuw .Van Verzetsheldin tot eerste vrouwelijke militair” geschreven door Natasza Tardio gepresenteerd tijdens de onthulling van het straatbord van de naar De Zeeuw vernoemde straat.

 Sint 2020 Sint 2020

Politie investeert in digitale fitheid

Den Haag – De politie gaat verder met investeren in de digitale kennis van haar medewerkers. Uit onderzoek blijkt dat het gemiddelde kennisniveau over de digitale aspecten van politiewerk omhoog moet. Het onderzoek Level-up! werd in opdracht van de korpsleiding van de politie uitgevoerd door de onderzoeksgroep Cybersafety van NHL Stenden Hogeschool.

digitale fitheid
De onderzoekers brachten in kaart welke cyberkennis politiemensen in de praktijk hebben. De uitkomsten laten zien dat verbetering noodzakelijk is. Opvallend is dat de verschillen niet leeftijdgebonden zijn, waardoor het kennistekort niet vanzelf wordt opgelost wanneer oudere politiemensen uitstromen en nieuwe, jongere politiemensen instromen. Wel lijken opleiding en ervaring met cyberzaken het kennisniveau van politiemensen te verhogen. Ook viel op dat rechercheurs over meer digitale kennis beschikken dan politiemensen uit andere functiegroepen.

Leren in de praktijk
‘We weten nu beter aan welke kennis het ontbreekt en waar er binnen de politieorganisatie een kennistekort is’, zegt projectleider Jurjen Jansen van NHL Stenden Hogeschool. ‘Zo zal er vooral meer aandacht moeten zijn voor politiemedewerkers die aangiften opnemen en politiemensen in de basispolitiezorg.’ Volgens de onderzoekers leren politiemensen het snelst door kennis direct toe te passen tijdens het werk. ‘Dit sluit goed aan bij hoe politiemedewerkers nu al vaak leren. Belangrijk is om dit goed te faciliteren en te begeleiden. Ook moet er ruimte worden gecreëerd om praktijkervaring op te doen en daarop te reflecteren.’

 Sint 2020 Sint 2020

Gedigitaliseerde criminaliteit
De onderzoekers benadrukken ‘digitaal’ te zien als een geïntegreerd onderdeel van de dagelijkse praktijk. ‘Online en offline vloeien steeds meer in elkaar over. De scheidslijn hiertussen wordt dunner. Cybercrime, gedigitaliseerde criminaliteit en criminaliteit met een digitale component komen nu zo veel voor dat het niet alleen aan specialisten kan worden overgelaten.’

Digitaal en cybercrime specialisme
Henk Geveke, directeur Technologie en Innovatie, ziet ook dat de criminaliteit steeds sneller verandert. Daarom is hij blij met de aanbevelingen uit het onderzoek. ‘Het rapport biedt belangrijke aanknopingspunten en onderstreept het belang van kennismanagement. De afgelopen jaren hebben we al flink geïnvesteerd in het versterken en opzetten van digitaal en cybercrime specialisme. Maar kenden we drie jaar geleden vooral marktplaatsfraude, zijn we nu druk met spoofing (het vervalsen van kenmerken, zoals e-mail, website, IP-adres of telefoonnummer om tijdelijk een valse identiteit aan te nemen). Daarom moeten we investeren in een bredere doelgroep. Agenten en rechercheurs, die geen expert of specialist zijn, hebben meer vaardigheden nodig om het werk van nu en in de toekomst goed te kunnen doen.’