“Niemand weet wat missie Mali inhoudt”

De grootste Nederlandse militaire missie op dit moment zit in Mali. Het kabinet beslist over verlenging van de missie op het moment dat de strijd oplaait. “We doen mee om het meedoen.” Anders is het bij apachepiloot Peter Gordijn. Vorig jaar vloog hij nog in Mali. Ondersteunde hij grondtroepen. Vergaarde inlichtingen. Maar hij heeft er geen trek meer in. “Niemand kon mij antwoord geven op de vraag wat de rol van de VN-missie nu is”, zegt hij.

Mislukken
Gordijn verliet het leger. Maar hij is echter niet de enige die gedesillusioneerd terugkeerde uit Mali. Joost de Wolf, de Nederlandse kolonel der mariniers, was bijna een jaar lang de chef militaire operaties van de VN-missie in Mali. Toen hij in 2014 aankwam in hoofdstad Bamako, waar het VN-hoofdkwartier is gevestigd, schrok hij van de organisatie. Of liever: het gebrek eraan. “De missie was opgezet om te mislukken”, zei hij eind mei bij een debatavond over de missie in Mali.
De Wolf, die leiding gaf aan 12.000 militairen, kreeg vanuit Den Haag niet duidelijk te horen wat er moest gebeuren. Er was constant strijd tussen de ministeries van Buitenlandse Zaken en Defensie, die verschillende prioriteiten hebben.

apache mali

Wellicht is dit de reden dat beide ministeries niet wilden meewerken aan een verhaal in het AD over de taak van onze militairen en diplomaten in Mali. Het enige wat we weten is dat Nederland sinds 2014 met zo’n 450 militairen, zeven helikopters en achttien diplomaten een bijdrage levert aan de VN-missie Minusma in Mali. De Nederlandse commando’s en mariniers voeren in en rond Gao verkenningen uit en verzamelen inlichtingen. Met trots stelt Defensie stelt dat ‘wij’ de ‘ogen en oren’ van de missie zijn; zonder Nederlandse inlichtingen kunnen andere operaties niet worden uitgevoerd.

Besluit
Dit voorjaar nog was Minister Koenders van Buitenlandse Zaken vrij stellig: vóór de zomer zou het kabinet een besluit nemen over verder gaan of stoppen in Mali. Het is inmiddels zomer en ‘Den Haag’ is met reces, maar een Malibesluit is er nog niet. Speculaties daarentegen zijn er voldoende. De missie zou ondanks geruzie tussen VVD (wil weg) en PvdA (wil blijven) in afgeslankte vorm doorgaan. De VN-taak in Mali is goed voor het internationaal aanzien, maar de missie trekt ook een grote wissel op het personeel en materieel. In de aanloop naar dat compromis heeft het kabinet plannen om de Chinook-transporthelikopters en Apache-gevechtshelikopters terug naar Nederland te halen – smeekbedes van VN-baas Ban Ki-moon ten spijt.

Filmmaker Robert Oey was voorstander van de missie. Na een jaar filmen in Mali voor een documentaire, denkt hij dat we beter weg kunnen gaan. “Dat zeg ik met pijn in het hart, maar ik zag met eigen ogen dat het niet goed gaat. Nederland doet mee om het meedoen.” aldus Oey.
Het probleem zit ‘m niet in Mali of de missie daar, maar is fundamenteler volgens Oey. “Er is geen visie op hoe we de krijgsmacht willen inzetten. Wie is de vijand? Wat is het doel? Hoelang blijven we? Defensie roept om meer geld, maar er is eerst een strategie nodig. Die moet door de politiek geschreven worden.” Daar zit het probleem. Ook Gordijn denkt er zo over. “Onze taak was helder. We vergaren inlichtingen. Maar met die inlichtingen moet je wel iets doen. We zagen tijdens verkenningen gewapende bendes terrein inpikken. Daar moet je iets mee doen. De politie kan ook niet alleen informatie vergaren over criminelen en ze nooit oppakken.”

missie mali_Noventas by MinDef

3D-benadering
De missie in Mali is een zogeheten geïntegreerde missie, het paradepaardje van Nederland: niet alleen wapengekletter, maar ook diplomatie en ontwikkelingssamenwerking vanuit het ministerie van Buitenlandse Zaken. Dat heet officieel de 3D-benadering: defensie, diplomatie en development.

Die benadering is belangrijk, omdat met name de PvdA de missie ook ziet als een antimigratiemissie. “Wat wij daar doen, heeft direct effect op ons. Door hongersnood en droogte vertrekken veel mensen uit West-Afrika. Er zitten 15.000 Malinezen in Italië”, aldus PvdA-Kamerlid Eijsink.
Een groot deel van de inlichtingentaak hebben de Nederlanders al overgedragen aan de Duitsers. Die kunnen die taak prima voortzetten, vindt kolonel De Wolf. Hij wil niet zeggen of de missie moet worden verlengd. “Gek genoeg is dat een politiek besluit, waaraan de mening van de militairen ondergeschikt is. Dus daar zeg ik niets over.”

Bron: AD / Defensie