Nederlandse luchtverdedigers verleggen hun grenzen

Het is de grootste luchtverdedigingsoefening van de NAVO in Europa dit jaar. Aan Tobruq Legacy 2019 doen bijna 5.000 militairen mee met meer dan 1.000 stuks materieel. De luchtverdedigingseenheden uit 17 landen bundelen tijdens de 3-weekse oefening hun krachten tegen dreigingen uit de lucht.

De militairen van het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando (DGLC) moesten er ook in de aanloop al hard tegenaan. Al was het alleen om het zware materieel op beide Poolse oefenlocaties in Wederzyn en Ustka te krijgen.

Voor de Nederlanders ligt het hoogtepunt op dinsdag 18 juni als ze daadwerkelijk enkele tientallen raketten gaan afschieten. Het gaat hierbij om de zogenoemde kortedrachtwapensystemen, zoals de Stinger en de Amraam.




Live flying
Voorafgaande hieraan oefenen de eenheden met name alle procedures, ter verbetering van de internationale samenwerking. Gastland Polen levert gevechtsvliegtuigen en helikopters om de verdedigingssystemen met een dynamisch en uitdagend scenario te testen. Tijdens dit live flying-deel krijgen militairen dus echte, hard en laag vliegende toestellen op hun radarschermen en in hun Stingervizier.

Alle capaciteiten in 1 scenario
De grootte van de oefening maakt het mogelijk om alle capaciteiten in 1 scenario te laten samenwerken. Zo komen Patriot-eenheden in midden Polen in actie terwijl de binationale Shorad-task force (short range air defence) dat aan de Oostzeekust doet. Laatstgenoemde eenheid bestaat uit Nederlandse Amraam- en Stingersystemen en het Duitse leichte Flugabwehr System. Dit laatste is een combinatie van licht gepantserde voertuigen met Stingers, een waarnemingsvoertuig met een radar en een commandovoeringsvoertuig.




Duits-Nederlandse integratie
Nederland en Duitsland benutten de oefening om hun gezamenlijke luchtverdedigingseenheid klaar te stomen. Die maakt in 2023 deel uit van de Very High Readiness Joint Taskforce, de NAVO-flitsmacht. Beide landen hebben nagenoeg dezelfde Patriot- en Stingersystemen, dus samenwerking is een logische stap. Op 4 april 2018 is de Duitse FlugAbwehrRaketenGruppe 61 zelfs ondergebracht bij het DGLC.

Het DGLC beschermt Nederlandse en bondgenootschappelijke vitale objecten, eenheden en gebieden. Dit doet het tegen vliegtuigen, helikopters, ballistische raketten en kruisvluchtwapens (bestuurbare raketten).