“Nederlandse krijgsmacht is ‘beggars army’ geworden”

De Nederlandse krijgsmacht wordt verder en verder uitgehold door steeds aanhoudende bezuinigingen en financiële tekorten. Luchtmachtpiloten kunnen niet voldoende trainen en de uitrusting van troepen in oorlogsgebieden is zwaar onder de maat. Deze grote problemen worden nog verergerd door foutieve prognoses over de euro-dollarkoers. Wie neemt het op voor onze militairen?

Het wordt gekscherend wel eens de Haagse versie van de ‘managersreflex’ genoemd: ministers en hoge ambtenaren die niet verder willen — of vooral durven — kijken dan de eigen regeerperiode en lastige dossiers zo ver mogelijk vooruitschuiven, in de hoop politieke verantwoordelijkheid te ontlopen. Lastige dossiers worden behandeld als blauwe belastingenveloppen: als je ze zo lang mogelijk negeert, dan gaan ze misschien vanzelf weg. Zowel de militaire, politieke als ambtelijke leiding op het ministerie van Defensie heeft hier een handje van. Door drie ontwikkelingen te negeren krijgt het volgende kabinet — en met name de volgende minister — nog een zware dobber aan het überhaupt operationeel inzetbaar houden van onze krijgsmacht.

1: Vliegtuigen op de pof; op het JSF project loopt het tekort op tot tientallen miljoenen, onder andere door verkeerd ingeschatte koersverschillen.
2: Missies op de pof; ook hier zijn tekorten welke “administratief” worden weggewerkt met onder meer kasschuiven, schuiven van trainings- en vlieguren.
3: Loyaliteit op de pof; Het personeel is gedemotiveerd. Materiaal is in slechte staat of ontbreekt, militairen moeten op missie bij andere landen zaken gaan lenen etc. Ment ziet dagelijkse dat de krijgsmacht volledig is uitgehold en horen aan de andere kant ministers praten over tekort aan draagvlak voor Defensie. Wie neemt het op voor onze militairen?

Uitgebreid artikel
Op Follow The Money vindt je het uitgebreide artikel en ook de reactie van het Ministerie van Defensie op de constateringen.

Bron: follow the money / Defensie