Middendorp pleit voor ‘vergroten relevante’ NAVO

Commandant der Strijdkrachten generaal Tom Middendorp ziet voor de NAVO 3 uitdagingen in het verschiet. De relevantie van het bondgenootschap, de gereedheid van de eenheden en het vermogen om die snel in te zetten. Hij zei dat afgelopen zaterdag in Parijs ter gelegenheid van de zestigste verjaardag van de Parlementaire Assemblee van de NAVO.

image
Archieffoto: Generaal Middendorp pleitte in Parijs voor een relevante NAVO

De bedreigingen die het NAVO-grondgebied omringen zijn echt en tonen volgens Middendorp aan dat de manier van oorlog voeren is veranderd. “We moeten ons aanpassingsvermogen en onze flexibiliteit verbeteren om te kunnen omgaan met die verschillende bedreigingen. Ze zijn meer hybride dan in het verleden en vragen om meer dan alleen een militair antwoord”, zei Middendorp.

Ecosysteem
Volgens de generaal kan de NAVO haar relevantie vergoten door relaties te verstevigen met kwetsbare landen in omliggende regio’s. Dit door schouder aan schouder te staan en duidelijk te maken dat de NAVO wil samenwerken met degenen die dezelfde normen en waarden koesteren. Middendorp: “Zo kan de regionale invloed groter worden, komt er meer inzicht in regionale problemen en kunnen we die beter zien aankomen.”

De CDS sprak van een “defensief ecosysteem” waarmee het mogelijk wordt beter te begrijpen wat er speelt en de kracht van de NAVO meer proactief is in te zetten. Hij vond dat het ecosysteem aanvullend moet zijn op andere militaire systemen, zoals die van de EU.

Middendorp hield de parlementariërs voor het weliswaar eens te zijn dat de NAVO-eenheden naar een hogere graad van paraatheid moeten, maar dat dit verder moet gaan dan de VJTF. Deze supersnelle reactiemacht, die momenteel bestaat uit Duitse, Nederlandse en Noorse militairen, is een goed begin. “Maar we hebben ook follow-on-eenheden nodig die niet alleen op papier bestaan, maar ook gereed zijn en op korte termijn beschikbaar. Dat vereist investering in training, in voorraden, in logistiek en in andere schaarse capaciteiten.”

Hij noemde tal van zaken, zoals geavanceerde inlichtingensystemen, mogelijkheden om over lange afstand toe te slaan, cybercapaciteiten en strategisch transport. “Dat zijn dure systemen, die de meeste lidstaten zich niet zelfstandig kunnen permitteren.” Daarom brak hij een lans voor meer samenwerking bij de invulling van deze tekortkomingen.

Awacs
Archieffoto: een AWACS-toestel van de NAVO.

Samenwerking
Toverwoord is volgens Middendorp synergie. Daardoor wordt het belastinggeld het beste besteed. Hoe meer synergie, hoe meer er wordt bereikt. Op het gebied van samenwerking boekte Nederland al resultaten. Samenwerking met Frankrijk in Mali, met Duitsland in het Duits-Nederlandse Legerkorps, de opname van 11 Luchtmobiele Brigade in de Duitse Division Schnelle Kräfte en de samenwerking van de Nederlandse en Belgische marine. Momenteel wordt nog gekeken of België, Luxemburg en Nederland het luchtruim gezamenlijk kunnen verdedigen.

Een ‘nieuwe’ NAVO valt of staat volgens Middendorp met de wil van de lidstaten om te investeren. Vergaande militaire samenwerking is afhankelijk van de wil tot politieke samenwerking en een andere kijk op soevereiniteit. “Onze collectieve veiligheid heeft een prijs. Anders is er geen veiligheid en zonder veiligheid blijft er maar weinig over. We moeten doen wat nodig is: de territoriale veiligheid en onze belangen bewaken en veiligstellen.”