Landmacht zet in op slimme systemen: Robot op weg naar frontlinie

Geen grootschalige terugkeer van de tank, maar slimme kanonnen die aangestuurd door drones op honderden kilometers afstand hun doelwit kunnen uitschakelen. Dat is de toekomst van de Koninklijke Landmacht.
Generaal Leo Beulen, commandant van het grootste krijgsmachtdeel, presenteert vandaag de plannen voor de komende vijftien jaar aan de Commandant der Strijdkrachten Rob Bauer.
In het document pleit Beulen ervoor het krijgsmachtsdeel om te vormen tot een organisatie waarin autonome systemen en kunstmatige intelligentie een deel van het werk gaan overnemen van de mannen in het veld. En waar minder materieel tegelijk wordt gekocht zodat het snel op de situatie kan worden aangepast.




Omdat de bedreigingen razendsnel veranderen, kan de Koninklijke Landmacht bij het op sterkte komen niet volstaan met voorraden aanvullen, alle jeeps weer rijdend krijgen en een blik tanks opentrekken. Het krijgsmachtsdeel moet zichzelf opnieuw uitvinden.
Het is een YouTube filmpje dat militairen buikpijn bezorgt. Een Oekraïense infanterie-eenheid die stilhoudt in het terrein om te bepalen hoe ze verder moet optrekken. De militairen nemen er de tijd voor. Er is geen vijand in zicht, dus er lijkt geen reden voor haast. Waar de troepen aan voorbij gaan, is een drone hoog in de lucht.

Voorbeeld
Die rapporteert hun positie waardoor zwaar geschut van de rebellen vele kilometers verderop de regeringstroepen in het vizier kan nemen. Met militaire precisie wordt de eenheid met de grond gelijk gemaakt. De mannen hebben nooit geweten wat ze overkwam. Generaal Leo Beulen haalt dit filmpje aan als het voorbeeld van het totaal veranderde slagveld.
„Wat je kan zien, kun je raken”, legt hij uit. „Door de komst van drones en steeds gevoeliger sensoren kan onze tegenstander steeds beter en verder kijken en ons sneller treffen. Dat moeten wij ook kunnen. Sterker nog, we moeten er beter in worden”, vat de Commandant Landstrijdkrachten zijn toekomstplan samen.

Om dit te bereiken zijn volgens de topmilitair andere manieren van opereren en wapens nodig dan de landmacht nu heeft. Helemaal omdat het slagveld van morgen eerder verstedelijkt gebied is dan de Noord-Duitse laagvlakte. Om op de toekomst voorbereid te zijn, kijkt het grootste krijgsmachtsdeel niet naar klassieke oplossingen – zoals de tank – maar eerder naar licht bepantserde voertuigen voor personeel dat verder van het front opereert. En autonoom rijdende wapens die geen zwaar pantser nodig hebben.

“’Samenspel van mens en techniek’”
„Dat klinkt een beetje futuristisch”, erkent de generaal. „Veel van die systemen zijn er nog niet. Maar ik ben ervan overtuigd dat de markt ermee gaat komen. Nu is de landmacht vooral mensenwerk met ondersteuning van de techniek. De mens blijft centraal staan, maar het wordt wel veel meer een samenspel van mens en techniek. Waarbij kunstmatige intelligentie informatie weegt en een veel scherper beeld aan de militair presenteert. We zullen veel minder systemen tegelijk kopen. Zo kunnen we flexibeler zijn in het aanpassen van materieel op veranderende behoeften.”

De denkrichting van Beulen is bedoeld voor de komende vijftien jaar. Hij lanceert het terwijl de landmacht kampt met basale problemen zoals het niet tijdig winterkleding kunnen leveren voor oefenende collega’s. Is het niet vreemd een grote visie te ontvouwen, voor dit allemaal is opgelost? Beulen vindt van niet.

Visie
„We hebben acute problemen”, geeft hij toe. „Als je die hebt opgelost, maar niet over een visie beschikt, valt alles stil. Je moet daarom nu nadenken over de vraag: waar wil je heen”, vindt de generaal. Hij hoopt door het verder automatiseren van de landstrijdkrachten met hetzelfde aantal mensen meer vuurkracht op de been te brengen.

Voor Beulen en zijn collega-commandanten worden de komende twee jaar spannend. In 2020 bepalen kabinet en Tweede Kamer of het defensiebudget verder omhoog gaat. Uit het Haagse komen signalen dat het weleens niet het geval zou kunnen zijn. Ook in dat geval gaat het landmachtplan verder. „We kunnen het ons niet veroorloven deze lijn niet te volgen.”

Bron: Telegraaf / Milrem Robotics (foto illustratief)