Koning bezoekt internationale oefening JPOW

Koning Willem-Alexander bezocht vrijdag het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando (DGLC) in Vredepeel. Hij kwam speciaal voor de multinationale luchtverdedigingsoefening Joint Project Optic Windmill (JPOW). Dat is de grootste lucht- en raketverdedigingsoefening van Europa.

Het DGLC beschermt vanaf de grond belangrijke Nederlandse en bondgenootschappelijke objecten, eenheden en gebieden tegen aanvallen uit de lucht door vliegtuigen, helikopters, raketten en kruisvluchtwapens. Tijdens het bezoek sprak de koning met militairen van het DGLC over de intensieve samenwerking met Duitsland. Bij JPOW sprak hij met Nederlandse en buitenlandse luchtverdedigers.

Exercise Director commodore Madelein Spit was blij met het bezoek van koning Willem-Alexander. “Wij zien zijn bezoek als bekroning van het werk van iedereen die bijdraagt aan het succes van de oefening Joint Project Optic Windmill.”

De meeste deelnemers zaten achter beeldschermen. Sommigen, zoals deze Stingerschutter waren te velde. Staatssecretaris Visser bezocht eerder deze week JPOW.

Trainen via computerwetwerken
Tijdens de 2-jaarlijkse lucht- en raketverdedigingsoefening trainen de deelnemers in een virtuele gevechtsruimte. Hierdoor is het mogelijk de nieuwste technologieën te testen en concepten door te ontwikkelen. Tevens wordt er getraind via computernetwerken op locaties elders in de wereld. Daarnaast bood de oefening de mogelijkheid tot deelname van (gesimuleerde) vliegende eenheden. De deelnemers testten zowel bestaande als toekomstige doctrines. De oefenleiding en het overgrote deel van de spelers bevindt zich op de Luitenant-generaal Bestkazerne, thuisbasis van het DGLC

JPOW is zo succesvol, omdat zowel het laagste tactische niveau (de mensen op de wapensystemen) als het operationele niveau (de commandant van het Joint Forces Air Component Command) meedoen. Aan het eind van elke dag volgt een debrief door het JPOW Joint Analyse Team. Zij behandelen de bevindingen van die dag. Hierdoor is het mogelijk om tijdens de oefening geleerde zaken, de volgende dag al in de praktijk te brengen.




Geen alternatief voor
Er deden dit jaar zo’n 900 militairen aan mee. JPOW, in 1996 voor het eerst gehouden, groeide uit tot de toonaangevendste oefening op het gebied van geïntegreerde raket- en luchtverdediging binnen Europa. Er bestaat geen Europees alternatief voor. De deelnemers kwamen dit jaar uit Duitsland, Frankrijk, Nederland, Noorwegen, Polen, Spanje, de Verenigde Staten en Zweden.

Het NAVO-hoofdkwartier in Mons (België) heeft JPOW geïntegreerd in de NAVO-oefening reeks Steadfast Armor 19 (STAR19). Hierdoor groeit JPOW door en is de belangrijke nichecapaciteit van Nederland, voor de toekomst gewaarborgd.

JPOW begon als een experiment van de voormalige Groep Geleide Wapens (GGW) van de Koninklijke Luchtmacht. De aanleiding voor de oefening waren de ervaringen bij de inzet van het Patriot-luchtverdedigingssysteem tijdens het Golfconflict in 1991.

De oefening duurt tot volgende week donderdag.