Politie krijgt uniform niet langer thuisbezorgd

De Nederlandse politie stuurt dienstuniformen niet langer per post naar het woonadres van agenten. Bij dat besluit spelen veiligheidsaspecten een grote rol, aldus de politie op de eigen website. De dienstkleding wordt voortaan alleen nog bezorgd op politiebureaus. Daar komen speciale afhaalpunten.




Al een paar jaar worden uniformen bij medewerkers thuisbezorgd via een Track & Trace-systeem, dat het mogelijk maakt om te zien waar het postpakket zich bevindt. Maar veel pakketten kwamen retour vanwege extra veiligheidseisen. Politiemedewerkers moesten daardoor te lang op hun kleding wachten.

In het begin raakten kledingpakketten zelfs kwijt en kwamen nooit aan op het bezorgadres. Niet zelden trekken criminelen een uniform aan bij bijvoorbeeld ontvoeringen en overvallen.

Bron: Telegraaf / Defensie (foto illustratief)

Defensie en politie oefenen samen bij kerncentrale


Het was niet de eerste keer dat militairen oefenden rond de kerncentrale Borssele. En ook de politie traint wel vaker op en rond het terrein van de nucleaire centrale. Maar donderdag oefenden politie en leger voor het eerst sámen in het voorkomen van een terroristische aanslag.

Ruim honderd politiemensen en militairen deden mee aan de oefening. Ze waren afkomstig van de bewakingseenheden van de politie in Zeeland en Noord-Brabant en van de 13 Lichte Brigade van de Koninklijke Landmacht in Oirschot.




De oefening concentreerde zich op de ingang van het EPZ-terrein en de polderwegen in de onmiddellijke omgeving. Het oefenscenario ging uit van een terroristische dreiging. Ergens in Europa was een aanslag op een kerncentrale gepleegd. Bij het onderzoek kwam de informatie los dat ook de kerncentrale in Borssele het doelwit van terroristen zou zijn. ,,Als dit werkelijkheid zou worden, moeten we ook samenwerken. De oefening heeft onder meer als doel om elkaars taal te leren spreken”, legde politiewoordvoerster Mireille Aalders uit.

Burgemeester
Het ging er dus om de afzonderlijke werkwijzes op elkaar af te stemmen. Uiteraard was de gemeente Borsele op de hoogte gesteld van de oefening en kwam burgemeester Gerben Dijksterhuis een kijkje nemen. Maar de gemeente draaide niet mee in de oefening. De eigen bedrijfsbeveiliging van de EPZ, de exploitant van de kerncentrale, was uiteraard wel van de partij.

In tegenstelling tot voorgaande oefeningen had het leger, voor zover zichtbaar, het groot materiaal op de kazerne laten staan. Alleen de politie reed met auto’s rond het terrein en had wagens geposteerd bij de verschillende checkpoints.

Met de bekende grote betonnen ‘legoblokken’ was een sluis gebouwd voor de ingang van het centraleterrein. Hier werden voertuigen gecontroleerd door zwaarbewapende politiemensen en militairen ingepakt in kogel- en scherfwerende kleding en helmen. Dat vergde wat geduld van werknemers en leveranciers die op het terrein moesten zijn of juist wilden vertrekken. Voor de soldaten en militairen bleef het opletten. In elk geval één persoon die met ‘verdachte bedoelingen’ het terrein op wilde gaan, werd in de boeien geslagen.

De bewakers moesten niet alleen alert zijn op terroristen. Voor de oefening speelde een aantal mensen voor ‘de media’ die te dicht bij de kerncentrale wilden komen. De nep-pers werd door de bewakers op de hielen gezeten als ze te ver ging. De echte pers zag het vanaf de dijk bij de kerncentrale allemaal gebeuren.

Bron: AD / Omroep Zeeland / Defensie