’Doden door eigen vuur waren te voorkomen’

Het eigen vuur-incident dat tien jaar terug aan de Nederlandse militairen Aldert Poortema en Wesley Schol en twee Afghaanse collega’s in Uruzgan het leven kostte, was te voorkomen geweest als de verantwoordelijk commandant naar waarschuwingen had geluisterd.

Dat zeggen collega’s van de man waaronder geestelijk verzorger Frans Kurstjens. De overste werd gewaarschuwd dat het zicht in de noodlottig verlopen nacht door slecht weer en afwezigheid van maanlicht beroerd zou zijn. Hij negeerde dit en stuurde zijn mannen toch op pad. Mede door slecht zicht was niet duidelijk dat het doelwit waarop in het holst van de nacht het vuur werd geopend eigen troepen waren.




Defensie blijft ondanks de kritiek achter eerdere onderzoeken staan. Die stellen dat er fouten zijn gemaakt, maar dat er geen hoofdschuldige was en dat er daarom geen personele gevolgen hoefden te zijn.

Het eigen vuur-incident in Uruzgan uit 2008 is een van de zwartste bladzijden uit de geschiedenis van de Koninklijke Landmacht. Twee Nederlandse militairen en evenzoveel Afghaanse collega’s kwamen om in wat volgens aanwezigen alleen maar kan worden omschreven als totale chaos. Dood door eigen kogels, erger wordt het niet.

Wie de brieven van toenmalig minister Van Middelkoop (Defensie) erover terugleest, ziet een in wollig politiek taalgebruik gevatte werkelijkheid. De excellentie spreekt over ’niet volledig conform procedures handelen’. Dat doet eerder denken aan het vergeten van een paar pallets met belangrijke uitrustingsstukken dan aan vier militairen die met zwaar geschut midden in de nacht van een dak worden geschoten door hun eigen maten.
Niet alleen versluierde Defensie de werkelijkheid door de gekozen bewoordingen. Wat er precies die nacht gebeurde, bleef ook grotendeels onbekend doordat het officiële onderzoeksrapport tot staatsgeheim werd bestempeld. Dit gebeurde omdat de gebruikte tactieken destijds nog werden toegepast. Openbaarmaking ervan zou de vijand in de kaart kunnen spelen.

Fnuikend
Inmiddels is Nederland al jaren weg uit Uruzgan en doet het argument geen opgeld meer. Toch is het rapport nog net zo geheim als tien jaar terug. Daardoor weten zelfs betrokken militairen en nabestaanden nog steeds niet wat er die nacht precies is gebeurd. Voor door deze vaak getraumatiseerde mensen is dat fnuikend voor de verwerking. De geheimzinnigheid maakt ook dat er vragen blijven over de juiste toedracht.

De enige manier om dit tegen te gaan, is met terugwerkende kracht doen wat Defensie sinds het aantreden van de nieuwe staatssecretaris Visser doet. Over bedrijfsongevallen wordt zo open als mogelijk gecommuniceerd. Als het even kan door het onderzoek ernaar of een samenvatting vrij te geven. Gebeurt dat niet, dan zullen oude wonden blijven openbarsten.

Bron: Telegraaf / Defensie (foto illustratief)

Warm waterwelkom 13 Infanteriebataljon luchtmobiel Regiment Stoottroepen Prins Bernhard

Een warm welkom gisternmiddag voor de terugkerende militairen van 13 Infanteriebataljon luchtmobiel Regiment Stoottroepen Prins Bernhard uit Assen. Zij vormden de afgelopen maanden in Mali de langeafstandsverkenningseenheid voor de VN Missie Minusma.
De terugkomers werden op Groningen Airport Eelde ontvangen met een ereboog van water door de brandweer van het vliegveld. “Wij vonden het leuk hen op gepaste wijze te ontvangen na hun inzet in het buitenland”, licht Airport Manager Onno de Jong de actie toe.




De militairen waren vertrokken van de Canarische Eilanden waar zij een 2-daags adaptieprogramma volgden. Het programma is de start van het nazorgtraject voor militairen die uitgezonden zijn geweest.

De teruggekeerde militairen zijn 4,5 maand in het Afrikaanse land geweest. Ze verbleven in Gao en Kidal en verzamelden inlichtingen voor de commandant van VN-missie.

Bron: Defensie