Onderzoek naar de scheepsramp in 1942 met de Van Imhoff

Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) is begonnen met een onderzoek naar de scheepsramp met de Van Imhoff. Die speelde zich 19 januari 1942 af in de Indische Oceaan. Hierbij kwamen meer dan 400 Duitse burgergeïnterneerden om het leven. Het NIMH voert de komende 2 jaar historisch onderzoek uit. Dat betreft niet alleen de scheepsramp, maar ook de internering van Duitse burgers in Nederlands-Indië vanaf 1940. Verder wordt gekeken naar de nasleep van de ramp voor overlevenden en nabestaanden.

Over de scheepsramp met de Van Imhoff is al het nodige gezegd en geschreven in de afgelopen 80 jaar. Het NIMH doet onderzoek naar bepaalde missende informatie, blinde vlekken in het verhaal en vooral: naar de slachtoffers. De geïnterneerden die aan boord van de Van Imhoff zijn omgekomen. Ze maakten tot mei 1940 deel uit van de Europese gemeenschap in Nederlands-Indië.

De gevangenen hadden beroepen als planter, klerk, handelaar of missionaris. Zij werden in mei 1940 vanwege hun Duitse (en soms Oostenrijkse) afkomst geïnterneerd door de koloniale overheid in Nederlands-Indië. Hun gevangenschap veroorzaakte pijn, verdriet en (financiële) schade in de gezinnen die zij gedwongen achterlieten. Van hun kinderen leven er niet veel meer. Veel kleinkinderen hebben hun grootvaders nooit gekend, omdat die met de Van Imhoff-scheepsramp zijn overleden.

Contact met nabestaanden
De kleinkinderen zijn ook de mensen die opriepen tot meer onderzoek. Voor en met de nabestaanden doet het NIMH onderzoek naar de familieverhalen van hun voorouders. Hiermee willen de onderzoekers de slachtoffers ‘een gezicht’ te geven.

De onderzoekers duiken Nederlandse, Duitse en koloniale archieven in. Ook hopen ze op veel contact met nabestaanden. Dit vanwege de vragen die bij hen leven en verhalen die zij kunnen vertellen.

Het NIMH is op zoek naar meer nabestaanden om bij dit onderzoek te betrekken. Bent u of kent u een nabestaande van een slachtoffer van de ramp met de Van Imhoff, neem contact op met het NIMH. Dit kan direct met de projectleider van het onderzoek, Maaike van der Kloet; bereikbaar via: MG.vd.Kloet@mindef.nl. Het NIMH is te benaderen via: NIMH@mindef.nl.

Over de gebeurtenissen aan boord van de Van Imhoff heeft BNNVARA enkele jaren geleden een documentaire gemaakt.

Bron: defensie.nl

Nederlandse Veteranendag, weer gezellig als vanouds

Vier F-35’s raasden vandaag over het centrum van Den Haag. De zogenoemde fly past maakte deel uit van het eerbetoon aan de duizenden veteranen. Ze waren samengekomen voor de Nederlandse Veteranendag. Voor menigeen een kameraadschappelijk weerzien, soms na vele jaren.

De dag was soms ernstig, maar vooral vrolijk, met muziek, een hapje, een drankje, veel muziek, een lach en soms een traan.

Onder grote publieke belangstelling trokken sinds de ‘coronastop’ weer zo’n 100 detachementen, gevormd door meer dan 3.000 militairen door de Hofstad. Het betrof mannen en vrouwen die onder meer zijn ingezet voor gevechtsacties, speciale operaties, het ruimen van geïmproviseerde explosieven of vredeshandhaving overal ter wereld.

Toegejuicht
Vandaag was het hun dag, toegejuicht door een deel van de Nederlandse bevolking en door collega’s in de lucht. Want niet alleen F-35’s maakten deel uit van de fly past.
Ook historische toestellen, zoals Harvards en een Beechcraft en enkele helikopters maakten er deel van uit.

‘Cravate’ aan vaandels van 18 eenheden
Koning Willem-Alexander nam het defilé af. Eerder die dag bevestigde hij tijdens een besloten ceremonie op de Hofvijver aan de vaandels van 18 eenheden een ‘cravate’. Die is bedoeld als onderscheiding voor de militaire acties in Afghanistan.

Niet alledaags
Een dergelijk omvangrijk moment van uitgereikte onderscheidingen is bepaald niet alledaags. De laatste keer dat dit grootschalig gebeurde was op 17 november 1913.

Toen kregen 13 regimenten vaandels met opschriften. Koningin Wilhelmina reikte ze op het Malieveld uit.

Verbinding met rijke militaire verleden
“Vroeger vormden de vaandels een oriëntatiepunt te midden van de chaos op het slagveld. Een aanduiding waar de eigen eenheid zich bevond”, lichtte minister van Defensie Kajsa Ollongren toe. “Deze functie hebben ze al heel lang niet meer. Toch zijn de vaandels en standaarden nog altijd van grote betekenis. Ze vormen een verbinding met ons rijke militaire verleden en met het Koningshuis. En zijn een symbolisch oriëntatiepunt voor datgene waar onze militairen toe in staat zijn geweest.”

Leven in de waagschaal
Ollongren vervolgde te zeggen dat dit ook geldt voor de militairen die zich 20 jaar lang voor vrede en veiligheid in Afghanistan hebben ingezet. “Keer op keer stegen zij boven zichzelf uit. Stelden zij hun eigen leven in de waagschaal om dat van anderen te beschermen.”

Ollongren benoemde dat dit gebeurde in een complexe samenleving waarin het verschil tussen vriend of vijand vaak niet duidelijk was. “Het gaat dan om het dappere optreden van gevechtseenheden op de grond en vanuit de lucht. En ook om ondersteunende eenheden als de artillerie, de genie, de verbindingstroepen en de bevoorradings- en transporttroepen die zich hebben onderscheidden.”

Het Regiment Technische Troepen en het Regiment Geneeskundige Troepen kregen vandaag voor het eerst een vaandelopschrift.

Ollongren ging ook in op de teleurstelling vanwege het vertrek van de troepen uit Afghanistan, deze week een jaar geleden.” Er werd onder meer een generatie Afghanen achtergelaten die heeft geleefd in betrekkelijke vrijheid, waarin meisjes weer naar school konden.

“Met de machtsovername van de Taliban is het werk van onze militairen deels teniet gedaan. Zeker voor de militairen die in Afghanistan gewond zijn geraakt en de nabestaanden van de gesneuvelde militairen is dit extra pijnlijk. Vandaag gaan onze gedachten ook naar hen uit.”

Nederland telt meer dan 100.000 veteranen.

Bron: defensie.nl