100-jarige Rotterdammer krijgt verrassingsfeestje van Marine

Een surpriseparty voor de 100-jarige Rotterdammer Ruud van Wely. Een delegatie van de marine verraste vrijdag de voormalig commandant onderzeedienst.
Kom bij Rotterdammer Ruud van Wely niet aan met het woord onderzeeër. Hij veert op uit zijn stoel en reageert: ,,Het is een onderzeeboot. En je zegt ook niet schip.’’ Hij kan het met zijn jarenlange ervaring in de marine weten. ,,In 1941 voer ik al op de torpedojager Hr. Ms. Banckert, als tweede artillerist.’’




Van Wely kroop destijds door het oog van de naald. ,,Ik nam de laatste trein en boot naar Colombo. De trein erna werd door de Jappen onderschept.’’ Het was nog lastig voor hem om op de Kota Batoe naar Colombo te reizen. ,,Ik kreeg te horen dat er geen plek op de boot meer was, omdat er 700 mensen aan boord waren. Daarop zei ik dat 701 of 700 toch geen verschil maakte. Toen vroegen ze wat ik bij me had. Gelukkig had ik twee kruiken met jenever meegenomen. Ik liet er een van zien, waarop ik alsnog mee mocht. Ik weet niet of ik hier anders nog wel had gezeten.’’
Ook op zee had Van Wely het geluk aan zijn zijde, toen de vijand werd gesignaleerd. ,,We trokken de reddingsvesten maar alvast aan. Onze boot had alleen maar een 10cm-kanon aan boord. Kennelijk hadden de Japanners ons niet gezien, want we konden toch gewoon doorvaren.’’

Van Wely heeft tijdens zijn jarenlange loopbaan in de marine veel meegemaakt en praat er gemakkelijk over. ,,Soms geef ik een lezing voor geïnteresseerden. Dan vertel ik bijvoorbeeld over een collega van me die zeedol werd. Ken je dat? Dan kan iemand niet meer op zijn benen staan én begint hij in zijn kooi te schreeuwen. Ik moest hem aan wal zetten.’’
Dan klinkt de bel. Met een vragende blik kijkt hij op. Zijn 100ste verjaardag was donderdag, maar nu krijgt hij nog een mooie verrassing. Er verschijnt een delegatie van de marine in de gang van zijn appartement in Kralingen.

Ontroerd
Commandant onderzeedienst De Groot steekt zijn hand uit om Van Wely te feliciteren. In zijn hand heeft hij een speciale penning. ,,Ik geef u deze coin met de bedoeling dat u die bij u houdt.’’ Met een knipoog vervolgt hij: ,,Als we elkaar tegenkomen en u heeft de coin niet bij u, dan mag u me trakteren op een biertje.’’
Ook maakt hij Van Wely blij met twee manchetknopen in de vorm van onderzeeboten en twee boekwerken met alle marineboten waarop Van Wely gevaren heeft. ,,Prachtig’’, mompelt Van Wely. ,,Hoe hebben jullie dit voor elkaar gekregen?’’ vraagt hij zich af.

Bron: AD