reaper_noventas-by-mindef

TNO: Krijgsmacht ontwikkelt zich veel te traag

De Nederlandse krijgsmacht is nog bezig met de vorige oorlog. Het zal fors moeten investeren in technologische kennis om de vijand voor te blijven in ’nieuwe oorlogvoering’. Want: laserwapens, munitie uit de printer en onzichtbaarheidsmantels voor fregatten, het is allemaal al gaande of binnen bereik, zegt expert Henk Geveke.
Wie hem de stand van de techniek hoort schetsen, met tussendoor een argeloze vraag, die slaat de schrik soms om het hart. De landmacht beschikt over prachtige pantserwagens, redelijk bestand tegen IED’s, bermbommen. Deze ’wapens van de zwakkeren’ kunnen desondanks flinke schade toebrengen aan troepen en burgerbevolking.
Maar wat als straks het nieuwe wapen in een ’a-symetrische’ oorlog de synthetische biologie is? Geveke: „In een geïmproviseerd schuurtje kun je een laboratorium inrichten waar je het ebolavirus kunt namaken. Stel je de gevolgen daarvan eens voor.”

Raketafweer
Niet eens zo moeilijk voor te stellen, zegt Geveke. Sterker nog: het gebeurt al. Of het staat te gebeuren, zoals de ontwikkeling van ’hypersone’ kruisraketten, die 5 tot 7 keer sneller gaan dan de snelste raketten van nu. „Als die er eenmaal zijn – en Rusland en China zijn ermee bezig – dan is geen enkele raketafweer snel genoeg.”




Maar niet getreurd: veel nieuwe ontwikkelingen en technieken hoeven ons niet te verrassen. Ze zijn er al. Neem iets ongevaarlijks als 3D-printen. Geveke: „Het is niet dat die techniek er opeens was. Wij zijn er al 25 jaar mee bezig.” TNO kon vorige maand de primeur claimen met het printen van kruit. „Zoiets luistert nauw natuurlijk”, legt hij uit. „Bij het laagje voor laagje opbouwen van die kruitbolletjes komt warmte vrij. Die moet natuurlijk niet voor explosies zorgen.”
De defensiepoot van TNO is in ’de gouden driehoek’ tussen overheid, industrie en kennisinstellingen een van de belangrijkste adviseurs van Defensie bij de ontwikkeling, aanschaf en modernisering van materieel. Dat gaat veel verder dan reken- en tekenwerk. In de Haagse wijk Ypenburg hebben TNO-technici een ballistisch laboratorium waar ze pantserwagens kapot schieten om te kijken hoe ze de bepantsering kunnen verbeteren. Toen tijdens de missie in Uruzgan bermbommen onze konvooien plaagden, kwam van TNO razendsnel een nieuwe bodemplaat ter bescherming.

Nog een ontwikkeling die we kunnen zien aankomen: drones (onbemande vliegtuigen). We sturen commando’s vijandelijke gebieden in voor het vergaren van inlichtingen. Gevaarlijk! Daar kun je vaak beter drones voor gebruiken. Straks worden het hele zwermen die als stofzuigers de data uit de vijand zuigen.”
Het is in dat opzicht goed dat Nederland straks beschikt over de F-35. „Dat zijn eigenlijk behalve gevechtsvliegtuigen grote datastofzuigers. Maar vraag je af: moeten ze nog luchtgevechten kunnen uitvoeren van vliegtuig tegen vliegtuig?”

raketafweer_noventas-by-mindef

Het probleem bij de ontwikkeling en aanschaf van nieuwe spullen: „Ze verouderen waar je bij staat. Dat is droevig, maar het hoeft niet. Wapensystemen als jachtvliegtuigen onderzeeboten, krijgen tussendoor een paar keer een update waarin alle techniek en software worden vernieuwd. Maar waarom doen we dat niet continu, net als de software updates van een computer? In de toekomst staat de commandocentrale van een fregat niet op het schip, maar in Den Helder?”

Laserwapens
Een ontwikkeling die momenteel hard gaat: de ontwikkeling van laserwapens. „Met geconcentreerde lichtbundels kun je een tegenstander niet alleen verblinden, maar ook met hoge energie een gat in een scheepsromp slaan. Handig. Hoef je geen munitie mee te nemen. En je hebt geen nevenschade. Lasers kosten alleen heel veel energie. Die moet je aan boord kunnen opwekken.” Toekomstmuziek? „We gaan proberen lasers te ontwikkelen voor de huidige generatie schepen.”

Piraterij
Maar parkeer de aanraakbare zaken even, zegt Geveke, die wil dat Defensie indringender nadenkt over hoe een toekomstig conflict eruit ziet. „Defensie is toch nog een beetje bezig met de vorige oorlog, met de focus om de bescherming van grondgebied. Niet dat we dat moeten loslaten, maar als je het hebt over bescherming van belangen, dan zit die ook, of misschien wel vooral, in de bescherming van kennis, van data die geld waard zijn. Het is belangrijk om die te beschermen, net zoals het normaal vinden een fregat naar de Golf van Aden te sturen om handelsschepen tegen piraterij te beschermen.”

Boxer_Noventas by MinDef

Ja, de Nederlandse krijgsmacht heeft het Defensie Cyber Commando, maar cyberoorlog krijgt nog weinig aandacht. Bovendien is het commando te schraal toegerust, qua kennis en mankracht. „Defensie geeft 63 miljoen euro uit aan technologische innovatie. Dat is nog geen 1 procent van het defensiebudget. In Rusland is dat 16 procent. In de VS zijn de uitgaven aan onderzoek en ontwikkeling net zo hoog als de gewone defensie-uitgaven. Natuurlijk: wij zijn de VS niet. Maar wat zeker is: met die 1,5 miljard die dit kabinet extra in Defensie wil investeren, komt je er niet.”

Da’s het punt, zegt Geveke: kennis en innovatie vergroten je slagkracht. Wie meer kennis heeft, kan z’n tegenstander voor blijven. „Onze krijgsmacht moet beter toegerust zijn op nieuwe vormen van conflict, zoals cyberoorlog, optreden in steden en hybride dreigingen, op militairen die tijdens een missie gechanteerd worden met nepfoto’s, op informatiediefstal. Alle wapensystemen zitten tegenwoordig vol met software. We kunnen virussen maken die ervoor zorgen dat een vijandelijke raket zich na lancering plots op hun troepen afkoerst in plaats van die van ons. Dat soort zaken, daar zijn we mee bezig.”

Het is de keerzijde van al het engs dat mogelijk op ons af komt: innovaties kunnen de boel behoorlijk in het honderd sturen, maar wie z’n ogen open houdt, laat zich niet verrassen.

Bron: Telegraaf / Defensie