staatsssecretaris-visser_noventas-by-mindef

Europese Defensiemarkt: Nationaal veiligheidsbelang weegt zwaarder bij aankopen

“Wij maken ons sterk voor een meer open Europese Defensiemarkt, maar we moeten ook niet de ‘gekke Henkie’ van Europa willen zijn.” Dit zei staatssecretaris Barbara Visser gisteren tijdens de jaarvergadering van de Nederlandse Industrie voor Defensie en Veiligheid (NIDV).
De staatssecretaris ging in op de relatie met de Nederlandse Defensie-industrie en 3 dillema’s die daarbij spelen. Daarbij schuwde ze ‘de olifant in de kamer’ niet: de open Europese Defensiemarkt. “Wij gaan bij de verwerving van materieel het nationaal veiligheidsbelang zwaarder laten meewegen. Dat doen onze buurlanden ook.”




Die buurlanden gaan soms wel erg ver, aldus Visser. Textiel werd nationaal aanbesteed omdat de maten geheim moesten blijven in het belang van de nationale veiligheid.
De bewindsvrouw hield de aanwezigen voor dat Defensie en bedrijfsleven niet zonder elkaar kunnen. Defensie heeft als belangrijke opdrachtgever gebruikerskennis. Het bedrijfsleven biedt op zijn beurt kennis, personeel en innovaties. Maar ook bij innovatie spelen dilemma’s.

Geen gemakkelijke partner
Visser: “Hoe investeer je je geld zo slim mogelijk en hoe vind je de juiste partners? De industrievertegenwoordigers vroeg ze hoe innovatie soepeler tot stand kan komen. Wat Visser betreft, koopt Defensie alleen al om de snelheid waar mogelijk van de plank. “En met het onderwerp snelheid kom ik gelijk op het dilemma regelgeving. Ik realiseer me dat Defensie door de vele regels, procedures en vertrouwelijke informatie geen gemakkelijke partner is.”

Samen kijken naar kansen
Visser vroeg haar toehoorders om mee te denken: Hoe kunnen processen sneller zonder onverantwoorde risico’s? “De Krijgsmacht heeft nu, meer dan ooit anderen nodig. Om adaptief te zijn. Dus laten we samen kijken waar kansen liggen.”

Bron: Defensie

staatsssecretaris-visser_noventas-by-mindef

Van wangedrag verdachte militairen dienen klacht in tegen staatssecretaris

Drie van wangedrag beschuldigde militairen van de Luchtmobiele Brigade uit Schaarsbergen hebben gisteren een aanklacht ingediend tegen staatssecretaris Barbara Visser (VVD, Defensie). Ze vinden dat ze publiekelijk worden ‘veroordeeld’.
Volgens de militairen kiest de bewindsvrouw openlijk partij voor de slachtoffers in de misbruikzaak, terwijl het onderzoek nog steeds gaande is. De militairen claimen onschuldig te zijn.




Eind vorig jaar klapte een aantal (oud-)collega’s tegen de Volkskrant uit de school over wangedrag op de kazerne in Schaarsbergen. In 2014 zouden er militairen zijn mishandeld, er zouden aanrandingen zijn geweest en zelfs een verkrachting. Ook zou er drugs worden gebruikt. Drie van in totaal acht verdachte militairen – waaronder de groepscommandant van de mortiergroep – ontkennen dat ze ook maar iets te maken hebben met de misstanden.

Volgens de militairen blijkt uit de reacties die Visser eerder in de media en onlangs ook nog in een Kamerdebat gaf, dat ze al haar conclusies heeft getrokken. Zo liet ze doorschemeren dat de zaak ‘diepe indruk op haar had gemaakt’ en dat bij het lezen van het eerste artikel over de misstanden ‘de rillingen over haar rug gingen.’

Ook spreekt ze steeds over slachtoffers, waarmee de andere leden van de mortiergroep vinden dat ze onterecht als daders worden weggezet. De drie militairen steekt het eveneens dat Visser wel contact opnam met de slachtoffers, maar geen wederhoor heeft gepleegd bij de beschuldigde militairen. Dat doet vooral pijn omdat binnen de krijgsmacht iedereen precies weet wie hierbij betrokken zijn. De drie die nu via hun advocaat Michael Ruperti hun beklag doen, vinden dat ze daardoor in hun goede eer en naam worden aangetast.

Defensie is gevraagd om commentaar en komt later met een reactie.

Bron: AD / Defensie