CV-90_Noventas by MinDef

Materieelprobleem bij Defensie blijf groot

Defensie heeft chronisch geldgebrek. De hierdoor veroorzaakte materieeltekorten hebben volgens vakbonden veel grotere gevolgen dan tot nu toe bekend was. Uit een rondgang van de VBM blijkt dat de marine vrijwel geen helikopter de lucht in kan sturen, ruim de helft van de F-16’s niet vliegt en 50 procent van de zware pantservoertuigen stilstaat.

Volgens de rapportages die de minister de afgelopen jaren naar de Tweede Kamer stuurde loopt Defensie op haar tandvlees. Exacte cijfers zijn in verband met de ’operationele veiligheid’ nooit verstrekt. Daarom reageert Defensie ook inhoudelijk niet op informatie die medewerkers via hun vakbond naar buiten brengen. Zij hebben die stap gezet omdat ze volgens de VBM volstrekt moedeloos worden van de huidige situatie.

Het pijnlijkste verhaal dat ze melden gaat over de nog vrijwel nieuwe NH90 helikopters. Nederland heeft er achttien. Ze zijn vooral bedoeld als boordheli voor de marine. Slechts twee kunnen er de lucht in. Nog niet bekend was hoe dat kan.
Volgens VBM-voorzitter Jean Debie komt het doordat het aan geld ontbreekt om voldoende van de speciale F44 brandstof in te slaan. De tekorten zijn duidelijk zichtbaar in het aantal vlieguren. „In het laatste kwartaal van vorig jaar mikte de marine op 611 vlieguren; het werden er 378. Over het hele jaar bleef het aantal vlieguren dertig procent achter bij de doelstelling”, weet de vakbondsman.

NH90_Noventas by MinDef

Ook de Koninklijke Landmacht heeft het moeilijk. Volgens de vakbond gaat het met de CV90 en Fennek pantservoertuigen ook moeilijk. En dan te bedenken dat deze de ruggengraat van de Landmacht vormen. Grofweg de helft van de zware militaire voertuigen staat stil omdat er ook hier geen reservedelen zijn om ze te repareren.

fennek_noventas-by-mindef

Ook alle schepen de in Den Helder aan de kade liggen in plaats van op zee zijn een teken van armoe. Het ontbreekt aan onderdelen om ze varend te krijgen. Hennis schreef dat er ’veel onderdelen van systemen worden herverdeeld’. Wat precies werd echter niet duidelijk. Debie weet het wel. „Het gaat om essentiële onderdelen zoals radar, satellietnavigatie en communicatieapparatuur. Ze worden uit het ene schip gehaald en zonder revisie overgezet op het andere. Alleen zo kunnen de schepen op missie.”

Deze herverdeling van materiële armoede noemen ze binnen Defensie inmiddels kannibalisatie. Het gebeurt op grote schaal bij allerlei soorten voertuigen. Zelfs Apache gevechtshelikopters (aanschafprijs: 20 miljoen euro per stuk) worden uit elkaar gehaald om reservedelen te krijgen waarmee technici andere vliegend kunnen houden.
Ook de 61 F-16’s van de Luchtmacht kunnen lang niet allemaal de lucht in. Hennis schreef vorig jaar herfst dat er dit jaar genoeg zullen zijn om de vereiste inzetnorm te halen. Deze inzetnorm is echter 11 toestellen! Debie geeft aan: „Er kunnen er 19 missies vliegen. Vier in de Baltische staten voor de Baltic Air Police, en vijftien in Nederland voor de bescherming van het eigen luchtruim. Dat is het”. „Er staan er nog zes in de VS voor training en opleidingen en de rest kan niet vliegen vanwege onderhoud of omdat er geen reservedelen zijn om ze te repareren.”




Ondanks dat de problemen bij Defensie een belangrijk onderwerp waren tijdens de verkiezingen, vrezen Jean Debie en zijn collega Anne Marie Snels van de AFMP dat beloofde miljarden voor Defensie de formatietafel niet zullen overleven. „Er is jaarlijks twee miljard euro extra nodig om de boel op orde te krijgen. Wil je broodnodig materieel als vrachtwagens vervangen, dan moet er nog meer bij”, weet Snels. „Komt dat geld er niet, dan krijgen de militairen grotere problemen met de uitvoering van taken”, vult Debie aan. „De commandanten van de landmacht, luchtmacht en marine zullen steeds meer ’nee’ moeten zeggen tegen politieke opdrachten.”

Bron: Telegraaf / Defensie

Hennis bij inzet ISIS_Noventas by MinDef

Buitenlandse missies in gevaar door materiaalgebrek

De schaarste aan mensen en middelen beïnvloedt meer en meer onze Krijgsmacht. Gebrek aan materieel en uitzendbaar personeel speelt een belangrijke rol bij de afbouw van de huidige twee grote militaire missies. In Irak en Mali worden de Nederlandse activiteiten de komende maanden fors afgebouwd.

Het wordt voor Nederland steeds moeilijker om langdurig deel te nemen aan aan serieuze buitenlandse missies aldus defensiedeskundigen en insiders in Den Haag. Minister Hennis van Defensie trok eerder deze week al aan de bel in een brief aan de Tweede Kamer: ‘Het voortzettingsvermogen bij inzet is beperkt, onder meer vanwege de lage materiële gereedheid.’
Ook de Algemene Rekenkamer stelde onlangs vast dat Defensie piept en kraakt onder de bezuinigingen van de afgelopen decennia. Directeur Ko Colijn van instituut Clingendael: “we wisten al dat elk proces bij Defensie hapert omdat mensen en materieel koste wat kost naar het buitenland moeten: de missies hebben voorrang. Maar nu gaat het een stap verder: de missies zelf komen in gevaar. De negatieve cirkel is rond.”

Het meest zichtbaar is een en ander bij grootste Nederlandse missie van dit moment, 450 militairen in Mali. Deze staat nu onder grote druk. De kans is groot dat de uitzending na dit jaar niet of slechts gedeeltelijk wordt verlengd. Dat komt niet alleen door onenigheid tussen VVD en PvdA maar vooral vanwege materieelproblemen.

Chinook

Chinook

Onderhoud
De drie Chinook-transporthelikopters en vier Apache-gevechtshelikopters moeten hoognodig voor onderhoud terug naar Nederland, evenals de daar aanwezige Bushmasters. Zonder deze spullen kunnen militairen hun werk niet goed doen. Er zijn geen vervangende voertuigen beschikbaar en door bezuinigingen is er een chronisch gebrek aan onderhoudsmonteurs die uitgezonden kunnen worden.

Vermoedelijk zal er een compromis komen waarin de Mali-missie van Nederland wordt verkleind en uiteindelijk wordt afgebouwd. Duitsland zou al klaarstaan om de inlichtingentaak van de Nederlanders over te nemen. De eerste voortekenen zijn er al. Vorige week namen zij al het werk over van de Nederlandse eenheid (80 man) die in Mali met drones inlichtingen verzamelt.

De missie in Irak en Oost-Syrië wordt per 1 juli al flink verkleind. De zes F-16’s en de tweehonderd man ondersteunend personeel, stoppen volgende maand met hun bombardementen op IS, omdat de vliegers moeten trainen en het materieel nodig onderhouden moet worden. België neemt de taken over. De circa 150 Nederlanders die lesgeven aan Iraakse en Koerdische strijdkrachten blijven vermoedelijk wel na 2016.

terugtrek defensie missie_Noventas by Volkskrant (c)

Toenemende druk
De missie in Afghanistan werd in de afgelopen zes jaar afgebouwd van tweeduizend tot ongeveer honderd man. Die veteranen zijn momenteel bijna allemaal ingezet in Mali en Irak.
Ook de marine kampt met dit soort problemen. Er is slechts één marineschip beschikbaar om namens de EU mensensmokkel te bestrijden op de Middellandse Zee. Maar dat schip moest daarvoor onttrokken worden aan de NAVO-grensmissie voor de kust van Griekenland en dáárvoor aan de antipiraterijmissie nabij Somalië. Daar vaart nu nog maar één Nederlands marineschip in plaats van twee.
Ondertussen neemt de druk op Nederland om deel te nemen aan nieuwe missies niet af. Zo stuurt de NAVO ‘binnenkort’ troepen naar Polen en de Baltische Staten ter afschrikking van Rusland. Men kijkt daarvoor ook naar Nederland. Hennis overweegt de missie te ‘ondersteunen’, zei ze woensdag in de Kamer. Ze pleit voor het uitvoeren van de nieuwe missie ‘binnen de beschikbare middelen’. Materieel en personeel moeten dus van andere missies komen.

Bron: Volkskrant / Defensie